BWBR0012021
Geldig vanaf 01-01-2001
Artikel 14
Uitvoeringsbesluit pluimveerechten Meststoffenwet
1. De omvang van het pluimveerecht van een daartoe aangemeld bedrijf wordt in afwijking van artikel 58g, eerste lid, van de wet bepaald overeenkomstig het tweede lid indien dit bedrijf is aangemeld voor de toepassing van artikel 23 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij, en de in artikel 23, eerste lid, van dat besluit bedoelde milieuvergunning, aanvraag, dan wel melding respectievelijk is verleend, ingediend of is gedaan ten behoeve van een vergroting van het aantal te houden kippen of kalkoenen op het desbetreffende bedrijf.
2. Het pluimveerecht komt overeen met de overeenkomstig hoofdstuk V, titel 2, paragraaf 3, met uitzondering van artikel 58k, van de wet bepaalde hoeveelheid, dan wel met de overeenkomstig de paragrafen 1, 2, 3 of 4 van dit hoofdstuk bepaalde hoeveelheid, vermeerderd met de door de belanghebbende bij de melding, bedoeld in het eerste lid aangegeven hoeveelheid fosfaat.
3. De door de belanghebbende aangegeven hoeveelheid fosfaat komt ten hoogste overeen met de hoeveelheid fosfaat waarvoor artikel 55a van de wet ingevolge artikel 23 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij ten aanzien van dat bedrijf buiten toepassing blijft.
4. Indien 1997 het referentiejaar, bedoeld in artikel 58g, tweede lid, van de wet is, wordt voor de toepassing van het tweede lid in artikel 58h, tweede en derde lid, van de wet «niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen» gelezen als: niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen, verminderd met de hoeveelheid fosfaat waarvoor artikel 55a ingevolge artikel 23 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij ten aanzien van dat bedrijf buiten toepassing blijft.
5. Het pluimveerecht is niet hoger dan het op de dag voorafgaande aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 58c van de wet voor het bedrijf geldende mestproductierecht.
2. Het pluimveerecht komt overeen met de overeenkomstig hoofdstuk V, titel 2, paragraaf 3, met uitzondering van artikel 58k, van de wet bepaalde hoeveelheid, dan wel met de overeenkomstig de paragrafen 1, 2, 3 of 4 van dit hoofdstuk bepaalde hoeveelheid, vermeerderd met de door de belanghebbende bij de melding, bedoeld in het eerste lid aangegeven hoeveelheid fosfaat.
3. De door de belanghebbende aangegeven hoeveelheid fosfaat komt ten hoogste overeen met de hoeveelheid fosfaat waarvoor artikel 55a van de wet ingevolge artikel 23 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij ten aanzien van dat bedrijf buiten toepassing blijft.
4. Indien 1997 het referentiejaar, bedoeld in artikel 58g, tweede lid, van de wet is, wordt voor de toepassing van het tweede lid in artikel 58h, tweede en derde lid, van de wet «niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen» gelezen als: niet-gebonden mestproductierecht voor varkens en kippen, verminderd met de hoeveelheid fosfaat waarvoor artikel 55a ingevolge artikel 23 van het Besluit hardheidsgevallen herstructurering varkenshouderij ten aanzien van dat bedrijf buiten toepassing blijft.
5. Het pluimveerecht is niet hoger dan het op de dag voorafgaande aan het tijdstip van inwerkingtreding van artikel 58c van de wet voor het bedrijf geldende mestproductierecht.
- Citeren als
- Art. 14
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0012021
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl