BWBR0012135
Geldig vanaf 30-08-2002
Artikel 4
Regeling Projectsubsidies Architectuur
1. Subsidies worden slechts verleend indien sprake is van een financieringstekort.
2. Subsidies worden slechts verleend wanneer de aanvrager aannemelijk heeft gemaakt dat de financiële middelen, met inbegrip van het subsidie, voldoende zijn om de voorgenomen activiteiten uit te voeren.
3. Subsidies worden slechts verleend wanneer de aanvrager een zodanige werkwijze toepast dat redelijkerwijs mag worden verwacht dat de door de aanvrager gestelde doeleinden zullen worden bereikt.
4. Subsidie kan niet worden aangevraagd voor een bijdrage in bouwkosten, het verwerven van eigendommen, exploitatiekosten, inrichtings-, restauratie- en verbouwingsplannen. Aanvragen die betrekking hebben op monumentenzorg of -behoud worden niet in behandeling genomen. Onderzoeken naar de haalbaarheid van projecten (bijvoorbeeld van tentoonstellingen en congressen) komen niet in aanmerking voor subsidie.
5. Subsidies ten behoeve van publicaties en tijdschriften worden slechts verleend wanneer de aanvraag is ingediend door een professionele uitgever, een distributieplan onderdeel uitmaakt van de subsidieaanvraag en de financiële aspecten, naar het oordeel van het bestuur, voldoende verantwoord zijn.
6. Subsidies aan gemeenten en provincies bedragen nooit meer dan 50% van de werkelijke kosten.
7. Subsidies ten behoeve van architectuurwedstrijden kunnen geen betrekking hebben op het prijzengeld.
8. Subsidies ten behoeve van studie en onderzoek kunnen, wanneer de studie of het onderzoek wordt uitgevoerd door een architect, stedenbouwkundige, tuin- en landschapsarchitect of interieurarchitect, of wanneer de studie of het onderzoek wordt uitgevoerd in het kader van universitair onderzoek, bijvoorbeeld als afstudeerproject of als dissertatie, alleen worden verleend in de kosten die samenhangen met de publicatie.
9. Subsidie ten behoeve van audiovisuele producties kunnen wanneer de aanvraag erop gericht is een televisieprogramma of -film tot stand te brengen, alleen worden aangevraagd voor de inhoudelijke opzet en voorbereiding van het televisieprogramma of film.
10. Subsidies ten behoeve van projecten in het buitenland moeten worden aangevraagd door de buitenlandse instelling die het project organiseert, tenzij de aard van het project dit niet toestaat.
2. Subsidies worden slechts verleend wanneer de aanvrager aannemelijk heeft gemaakt dat de financiële middelen, met inbegrip van het subsidie, voldoende zijn om de voorgenomen activiteiten uit te voeren.
3. Subsidies worden slechts verleend wanneer de aanvrager een zodanige werkwijze toepast dat redelijkerwijs mag worden verwacht dat de door de aanvrager gestelde doeleinden zullen worden bereikt.
4. Subsidie kan niet worden aangevraagd voor een bijdrage in bouwkosten, het verwerven van eigendommen, exploitatiekosten, inrichtings-, restauratie- en verbouwingsplannen. Aanvragen die betrekking hebben op monumentenzorg of -behoud worden niet in behandeling genomen. Onderzoeken naar de haalbaarheid van projecten (bijvoorbeeld van tentoonstellingen en congressen) komen niet in aanmerking voor subsidie.
5. Subsidies ten behoeve van publicaties en tijdschriften worden slechts verleend wanneer de aanvraag is ingediend door een professionele uitgever, een distributieplan onderdeel uitmaakt van de subsidieaanvraag en de financiële aspecten, naar het oordeel van het bestuur, voldoende verantwoord zijn.
6. Subsidies aan gemeenten en provincies bedragen nooit meer dan 50% van de werkelijke kosten.
7. Subsidies ten behoeve van architectuurwedstrijden kunnen geen betrekking hebben op het prijzengeld.
8. Subsidies ten behoeve van studie en onderzoek kunnen, wanneer de studie of het onderzoek wordt uitgevoerd door een architect, stedenbouwkundige, tuin- en landschapsarchitect of interieurarchitect, of wanneer de studie of het onderzoek wordt uitgevoerd in het kader van universitair onderzoek, bijvoorbeeld als afstudeerproject of als dissertatie, alleen worden verleend in de kosten die samenhangen met de publicatie.
9. Subsidie ten behoeve van audiovisuele producties kunnen wanneer de aanvraag erop gericht is een televisieprogramma of -film tot stand te brengen, alleen worden aangevraagd voor de inhoudelijke opzet en voorbereiding van het televisieprogramma of film.
10. Subsidies ten behoeve van projecten in het buitenland moeten worden aangevraagd door de buitenlandse instelling die het project organiseert, tenzij de aard van het project dit niet toestaat.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0012135
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl