BWBR0012322
Geldig vanaf 29-03-2001
Artikel 6
Cusumsysteem Keurmeester-APK
1. De in artikel 5, onderdeel a en b, genoemde intrekking van de keuringsbevoegdheid zal niet eerder plaatsvinden dan 2 maanden na de dagtekening van de berichtgeving van deze voorgenomen intrekking aan de betrokken keurmeester. Indien de einddatum geldigheid van de keuringsbevoegdheid binnen deze 2 maanden ligt, is deze datum bepalend voor het tijdstip waarop de keuringsbevoegdheid wordt ingetrokken.
2. De keuringsbevoegdheid zal direct voor de duur van 12 weken worden ingetrokken indien:
a. binnen de in het eerste lid genoemde periode van 2 maanden wederom artikel 5, onderdeel a of b wordt overtreden;
b. een gebrek van gradatie 3 wordt geconstateerd;
c. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel a of b tweemaal wordt overtreden.
3. De keuringsbevoegdheid zal direct voor de duur van 6 maanden worden ingetrokken indien:
a. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel c, tweemaal wordt overtreden;
b. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel a of b driemaal wordt overtreden;
c. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel c, en artikel 5, onderdeel a of b wordt overtreden.
4. De in het eerste lid genoemde intrekking van de keuringsbevoegdheid kan slechts worden opgeheven indien met goed gevolg de toets bij de Stichting VAM is doorlopen.
5. De in het tweede en derde lid genoemde intrekking van de keuringsbevoegdheid kan slechts worden opgeheven indien met goed gevolg de toets bij de Stichting VAM is doorlopen, doch niet eerder dan 12 weken respectievelijk 6 maanden nadat de tijdelijke intrekking heeft plaatsgevonden.
2. De keuringsbevoegdheid zal direct voor de duur van 12 weken worden ingetrokken indien:
a. binnen de in het eerste lid genoemde periode van 2 maanden wederom artikel 5, onderdeel a of b wordt overtreden;
b. een gebrek van gradatie 3 wordt geconstateerd;
c. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel a of b tweemaal wordt overtreden.
3. De keuringsbevoegdheid zal direct voor de duur van 6 maanden worden ingetrokken indien:
a. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel c, tweemaal wordt overtreden;
b. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel a of b driemaal wordt overtreden;
c. binnen een periode van 12 maanden artikel 5, onderdeel c, en artikel 5, onderdeel a of b wordt overtreden.
4. De in het eerste lid genoemde intrekking van de keuringsbevoegdheid kan slechts worden opgeheven indien met goed gevolg de toets bij de Stichting VAM is doorlopen.
5. De in het tweede en derde lid genoemde intrekking van de keuringsbevoegdheid kan slechts worden opgeheven indien met goed gevolg de toets bij de Stichting VAM is doorlopen, doch niet eerder dan 12 weken respectievelijk 6 maanden nadat de tijdelijke intrekking heeft plaatsgevonden.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0012322
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl