BWBR0013875
Geldig vanaf 2002-07-16
Artikel 6
Regeling aanwijzing filminvesteringen 2002
1. De in de artikelen 3en 4bedoelde verklaringen kunnen worden ingetrokken indien de te harer verkrijging verstrekte gegevens of bescheiden zodanig onjuist of onvolledig zijn geweest dat op het verzoek een andere beslissing zou zijn genomen indien bij de beoordeling daarvan de juiste gegevens en bescheiden volledig bekend zouden zijn geweest en de onjuistheid of onvolledigheid van de gegevens of bescheiden de Minister van Economische Zaken niet bekend was of redelijkerwijs niet bekend had kunnen zijn.
2. De in artikel 4bedoelde verklaring wordt ingetrokken indien niet binnen 5 maanden na afgifte van de verklaring de met de belastingdienst gesloten vaststellingsovereenkomst ter zake van de filminvesteringen aan Senter te Zwolle is overgelegd.
3. De bevoegdheid tot het intrekken van een verklaring vervalt door verloop van vijf jaren na de dagtekening van de verklaring.
2. De in artikel 4bedoelde verklaring wordt ingetrokken indien niet binnen 5 maanden na afgifte van de verklaring de met de belastingdienst gesloten vaststellingsovereenkomst ter zake van de filminvesteringen aan Senter te Zwolle is overgelegd.
3. De bevoegdheid tot het intrekken van een verklaring vervalt door verloop van vijf jaren na de dagtekening van de verklaring.