BWBR0014032
Geldig vanaf 20-02-2010
Artikel 18a
Zuivelverordening 2003, Eisen methoden van onderzoek
De toe te passen methode berust op de verwarming van een hoeveelheid monster in een afgesloten flesje met een septum. Aansluitend wordt een deel van de bovenstaande gasfase (headspace) in een gaschromatograaf geïnjecteerd. Na scheiding van de gehalogeneerde koolwaterstoffen vindt detectie plaats middels een EC-detector en wordt het chloroformgehalte met behulp van een kalibratiecurve gekwantificeerd. Het gemeten gehalte wordt vervolgens gecombineerd met het volgens artikel 19 gemeten vetgehalte van het monster.
Het chloroformgehalte wordt uitgedrukt in milligram chloroform per kilogram vet.
Bij een vetgehalte van 4,5% en een chloroformgehalte van 0,2 mg/kg vet dient de herhaalbaarheid van de meting kleiner te zijn dan 0,02 mg/kg vet.
Het chloroformgehalte wordt uitgedrukt in milligram chloroform per kilogram vet.
Bij een vetgehalte van 4,5% en een chloroformgehalte van 0,2 mg/kg vet dient de herhaalbaarheid van de meting kleiner te zijn dan 0,02 mg/kg vet.
- Citeren als
- Art. 18a
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014032
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl