BWBR0014168
Geldig vanaf 2022-10-13
Artikel 128a
Mijnbouwwet
1. Onze Minister geeft een aanwijzing aan de inspecteur-generaal der mijnen uitsluitend in schriftelijke vorm.
2. Onze Minister verleent geen mandaat voor het geven van een aanwijzing.
3. Een aanwijzing wordt door Onze Minister onverwijld aan de Staten-Generaal gezonden.
4. Onverminderd artikel 10:6 van de Algemene wet bestuursrechten in afwijking van de artikelen 10:22, eerste lid, en 10:23 van de Algemene wet bestuursrechtziet een bijzondere aanwijzing niet op:
a. het weerhouden van de inspecteur-generaal der mijnen om een specifiek onderzoek te verrichten of af te ronden;
b. de wijze waarop de inspecteur-generaal der mijnen een specifiek onderzoek verricht;
c. iedere vorm van bevindingen, oordelen en adviezen van de inspecteur-generaal der mijnen.
2. Onze Minister verleent geen mandaat voor het geven van een aanwijzing.
3. Een aanwijzing wordt door Onze Minister onverwijld aan de Staten-Generaal gezonden.
4. Onverminderd artikel 10:6 van de Algemene wet bestuursrechten in afwijking van de artikelen 10:22, eerste lid, en 10:23 van de Algemene wet bestuursrechtziet een bijzondere aanwijzing niet op:
a. het weerhouden van de inspecteur-generaal der mijnen om een specifiek onderzoek te verrichten of af te ronden;
b. de wijze waarop de inspecteur-generaal der mijnen een specifiek onderzoek verricht;
c. iedere vorm van bevindingen, oordelen en adviezen van de inspecteur-generaal der mijnen.