BWBR0014187
Geldig vanaf 01-01-2003
Artikel 9
Heffingsverordening bedrijfschap Horeca en Catering 2003
1. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten, als bedoeld in artikel 5, alsmede tot het bepaalde in de artikelen 3, eerste en derde lid en 6, derde en vierde lid, wordt gemandateerd aan de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten.
2. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 8, wordt gemandateerd aan de secretaris van het bedrijfschap.
3. De bevoegdheden, bedoeld in het eerste en tweede lid, mogen door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten en de secretaris van het bedrijfschap worden ondergemandateerd.
4. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten op bezwaarschriften tegen
a. door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten in mandaat genomen besluiten of
b. in ondermandaat genomen besluiten
wordt gemandateerd aan de secretaris van het bedrijfschap.
2. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 8, wordt gemandateerd aan de secretaris van het bedrijfschap.
3. De bevoegdheden, bedoeld in het eerste en tweede lid, mogen door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten en de secretaris van het bedrijfschap worden ondergemandateerd.
4. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten op bezwaarschriften tegen
a. door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten in mandaat genomen besluiten of
b. in ondermandaat genomen besluiten
wordt gemandateerd aan de secretaris van het bedrijfschap.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014187
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl