BWBR0014199
Geldig vanaf 14-02-2003
Artikel 16
Reglement op de Tuchtrechtspraak van de Stichting Controlebureau voor Pluimvee, Eieren en Eiproducten
1. Het tuchtgerecht kan ambtshalve of op verzoek van de betrokken aangeslotene een of meer deskundigen benoemen, zonodig met opdracht een onderzoek in te stellen en daarvan verslag uit te brengen.
2. Het tuchtgerecht roept deskundigen, die het wil horen, bij aangetekend schrijven op.
3. Ieder die tot deskundige is benoemd, is verplicht de door het tuchtgerecht gevorderde diensten te bewijzen.
4. Ten aanzien van de deskundigen die mede als getuige wordt gehoord vinden hun verhoor, op de artikelen 217 - 219a van het Wetboek van Strafvordering overeenkomstige toepassing.
5. De voorzitter van het tuchtgerecht kan een deskundige de eed of belofte doen afleggen dat hij zijn taak naar zijn geweten zal vervullen.
6. Het tuchtgerecht kan de deskundige geheimhouding opleggen.
2. Het tuchtgerecht roept deskundigen, die het wil horen, bij aangetekend schrijven op.
3. Ieder die tot deskundige is benoemd, is verplicht de door het tuchtgerecht gevorderde diensten te bewijzen.
4. Ten aanzien van de deskundigen die mede als getuige wordt gehoord vinden hun verhoor, op de artikelen 217 - 219a van het Wetboek van Strafvordering overeenkomstige toepassing.
5. De voorzitter van het tuchtgerecht kan een deskundige de eed of belofte doen afleggen dat hij zijn taak naar zijn geweten zal vervullen.
6. Het tuchtgerecht kan de deskundige geheimhouding opleggen.
- Citeren als
- Art. 16
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014199
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl