BWBR0014960
Geldig vanaf 01-07-2003
Artikel 3
Verordening PDV controle diervoedersector 2003
1. De controle bedoeld in artikel 2 vindt plaats door middel van:
a. administratieve controle, inclusief controle van documenten;
b. overeenstemmingscontrole en andere visuele en instrumentele inspectie en controle van producten die bedoeld zijn voor het voederen van dieren, bedrijfsinrichting en apparatuur;
c. fysieke controle;
2. De controle vindt zodanig plaats dat verstoring in de vorm van respectievelijk het toebrengen van schade en vertraging aan het bedrijfsproces, vervoer, gebruik en dergelijke wordt vermeden, voor zover zulks onder handhaving van de doelmatigheid van de controle mogelijk is.
3. De controle wordt uitgevoerd met regelmatige tussenpozen en steekproefsgewijs. De controle wordt in de regel uitgevoerd zonder kennisgeving vooraf.
4. De controle staat in verhouding tot het beoogde doel en wordt met name uitgevoerd in het licht van de risico's en opgedane ervaringen. De controle strekt zich in principe uit tot alle stadia genoemd in artikel 2, doch vindt in het bijzonder plaats in het (de) voor de voorgenomen controles meest geschikte stadium (stadia).
5. De voorzitter is bevoegd om, namens het bestuur en gehoord het college, bij besluit nadere voorschriften vast te stellen omtrent bemonstering en keuring en de daarbij te hanteren onderzoekmethoden.
a. administratieve controle, inclusief controle van documenten;
b. overeenstemmingscontrole en andere visuele en instrumentele inspectie en controle van producten die bedoeld zijn voor het voederen van dieren, bedrijfsinrichting en apparatuur;
c. fysieke controle;
2. De controle vindt zodanig plaats dat verstoring in de vorm van respectievelijk het toebrengen van schade en vertraging aan het bedrijfsproces, vervoer, gebruik en dergelijke wordt vermeden, voor zover zulks onder handhaving van de doelmatigheid van de controle mogelijk is.
3. De controle wordt uitgevoerd met regelmatige tussenpozen en steekproefsgewijs. De controle wordt in de regel uitgevoerd zonder kennisgeving vooraf.
4. De controle staat in verhouding tot het beoogde doel en wordt met name uitgevoerd in het licht van de risico's en opgedane ervaringen. De controle strekt zich in principe uit tot alle stadia genoemd in artikel 2, doch vindt in het bijzonder plaats in het (de) voor de voorgenomen controles meest geschikte stadium (stadia).
5. De voorzitter is bevoegd om, namens het bestuur en gehoord het college, bij besluit nadere voorschriften vast te stellen omtrent bemonstering en keuring en de daarbij te hanteren onderzoekmethoden.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0014960
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl