BWBR0015320
Geldig vanaf 25-12-2004
Artikel 6
Verordening PT heffing export groenten en fruit Japan en Taiwan 2004
1. De oplegging van de krachtens deze verordening verschuldigde heffing vindt plaats na afloop van het kalenderjaar waarover de heffing verschuldigd is en geschiedt door toezending of uitreiking aan de heffingsplichtige van een heffingsnota.
2. Iedere heffingsnota is gedagtekend en bevat ten minste:
a. naam en adres van de heffingsplichtige;
b. een specificatie of toelichting omtrent de wijze waarop de heffing is berekend, en
c. het totaal van de heffing.
3. In afwijking van het eerste lid kan de heffingsplichtige een voorlopige heffing worden opgelegd tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde heffing.
2. Iedere heffingsnota is gedagtekend en bevat ten minste:
a. naam en adres van de heffingsplichtige;
b. een specificatie of toelichting omtrent de wijze waarop de heffing is berekend, en
c. het totaal van de heffing.
3. In afwijking van het eerste lid kan de heffingsplichtige een voorlopige heffing worden opgelegd tot het bedrag waarop de heffing vermoedelijk zal worden vastgesteld. De voorlopige heffing wordt verrekend met de krachtens deze verordening verschuldigde heffing.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0015320
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl