BWBR0015650
Geldig vanaf 01-01-2004
Artikel 3
Heffingsverordening naaimachinebedrijf 2004
1. Aan de ondernemers die op of na de dag van inwerkingtreding van deze verordening het naaimachinebedrijf uitoefenen, wordt voor het jaar 2004 een heffing opgelegd ten behoeve van benchmarking, deskundigheidsbevordering ten behoeve van het gebruik van informatie- en communicatietechnologie (ICT), implementatie van de ontwikkelde code voor de naaimachinebranche, implementatie van de resultaten van het softwarevergelijkings onderzoek en tot slot de verdere toepassing en onderhoud van ict-servicetools.
2. De heffing wordt vastgesteld op grondslag van het aantal vestigingen waarin door de ondernemer het naaimachinebedrijf wordt uitgeoefend. De heffing bedraagt € 118,- voor iedere vestiging waarin het naaimachinebedrijf wordt uitgeoefend.
3. In afwijking van het tweede lid bedraagt de heffing, indien de ondernemer het bedrijf uitsluitend anders dan in een vestiging uitoefent, € 118,- per onderneming.
2. De heffing wordt vastgesteld op grondslag van het aantal vestigingen waarin door de ondernemer het naaimachinebedrijf wordt uitgeoefend. De heffing bedraagt € 118,- voor iedere vestiging waarin het naaimachinebedrijf wordt uitgeoefend.
3. In afwijking van het tweede lid bedraagt de heffing, indien de ondernemer het bedrijf uitsluitend anders dan in een vestiging uitoefent, € 118,- per onderneming.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0015650
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl