BWBR0015704
Geldig vanaf 2004-01-01
Artikel 4
Invoeringswet Wet werk en bijstand
1. Door het college op grond van de Algemene bijstandswet, de Wet inschakeling werkzoekendenof het Besluit in- en doorstroombanengenomen besluiten gelden als door hem genomen besluiten op grond van de Wet werk en bijstand.
2. In afwijking van het eerste lid gelden door het college op grond van de Wet inschakeling werkzoekendenof het Besluit in- en doorstroombanenten aanzien van personen die een uitkering ontvangen op grond van de IOAZof de IOAWgenomen besluiten als door hem genomen besluiten op grond van de IOAZonderscheidenlijk de IOAW.
3. Onverminderd de artikelen 8 tot en met 12, brengt het college de in het eerste en het tweede lid bedoelde besluiten binnen 24 maanden na de inwerkingtreding van de Wet werk en bijstandin overeenstemming met onderscheidenlijk die wet, de IOAZof de IOAW, voorzover deze besluiten afwijken van die wetten.
4. Het college brengt vóór de inwerkingtreding van artikel 23onderscheidenlijk artikel 24op grond van de IOAZof de IOAWgenomen besluiten binnen 24 maanden na die inwerkingtreding in overeenstemming met de artikelen 37en 37a van de IOAZonderscheidenlijk de IOAW, zoals deze artikelen luiden na de inwerkingtreding van de onderdelen L en M van artikel 23onderscheidenlijk artikel 24.
5. In dit hoofdstuk worden onder door het college genomen besluiten op grond van de Algemene bijstandswet, de Wet inschakeling werkzoekendenof het Besluit in- en doorstroombanenmede verstaan door hem op grond van die wetten of dat besluit met toepassing van artikel 2, tweede lid, na de peildatum genomen besluiten.
2. In afwijking van het eerste lid gelden door het college op grond van de Wet inschakeling werkzoekendenof het Besluit in- en doorstroombanenten aanzien van personen die een uitkering ontvangen op grond van de IOAZof de IOAWgenomen besluiten als door hem genomen besluiten op grond van de IOAZonderscheidenlijk de IOAW.
3. Onverminderd de artikelen 8 tot en met 12, brengt het college de in het eerste en het tweede lid bedoelde besluiten binnen 24 maanden na de inwerkingtreding van de Wet werk en bijstandin overeenstemming met onderscheidenlijk die wet, de IOAZof de IOAW, voorzover deze besluiten afwijken van die wetten.
4. Het college brengt vóór de inwerkingtreding van artikel 23onderscheidenlijk artikel 24op grond van de IOAZof de IOAWgenomen besluiten binnen 24 maanden na die inwerkingtreding in overeenstemming met de artikelen 37en 37a van de IOAZonderscheidenlijk de IOAW, zoals deze artikelen luiden na de inwerkingtreding van de onderdelen L en M van artikel 23onderscheidenlijk artikel 24.
5. In dit hoofdstuk worden onder door het college genomen besluiten op grond van de Algemene bijstandswet, de Wet inschakeling werkzoekendenof het Besluit in- en doorstroombanenmede verstaan door hem op grond van die wetten of dat besluit met toepassing van artikel 2, tweede lid, na de peildatum genomen besluiten.