BWBR0015789
Geldig vanaf 14-02-2004
Artikel 2
Verordening heffingen moederdieren (PPE) 2004
1. De ondernemer die bedrijfsmatig moederdieren houdt of pleegt te houden is aan het productschap een heffing verschuldigd over de door hem in het kalenderjaar 2004 gehouden moederdieren.
2. Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt:
a. wat legrassen kippen betreft € 0,11370 per moederdier, waarvan bestemd is;
b. wat vleesrassen kippen betreft € 0,11279 per moederdier, waarvan bestemd is;
c. wat kalkoenen betreft € 0,30313 per moederdier, waarvan bestemd is.
3. De in het eerste en het tweede lid bedoelde heffing is éénmaal per productieperiode van een moederdier verschuldigd, en wel:
a. indien het moederdieren van kippen betreft: i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 20 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval dat zij wederom in productie worden genomen;
i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 20 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval dat zij wederom in productie worden genomen;
b. indien het moederdieren van kalkoenen betreft: i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 29 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong als zodanig in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval zij wederom in productie worden genomen.
i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 29 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong als zodanig in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval zij wederom in productie worden genomen.
2. Het tarief van de in het eerste lid bedoelde heffing bedraagt:
a. wat legrassen kippen betreft € 0,11370 per moederdier, waarvan bestemd is;
b. wat vleesrassen kippen betreft € 0,11279 per moederdier, waarvan bestemd is;
c. wat kalkoenen betreft € 0,30313 per moederdier, waarvan bestemd is.
3. De in het eerste en het tweede lid bedoelde heffing is éénmaal per productieperiode van een moederdier verschuldigd, en wel:
a. indien het moederdieren van kippen betreft: i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 20 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval dat zij wederom in productie worden genomen;
i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 20 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval dat zij wederom in productie worden genomen;
b. indien het moederdieren van kalkoenen betreft: i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 29 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong als zodanig in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval zij wederom in productie worden genomen.
i. zodra de moederdieren zijn geplaatst, of
ii. zodra de moederdieren de leeftijd van 29 weken hebben bereikt, in het geval zij in het bedrijf van oorsprong als zodanig in productie worden genomen, of
iii. zodra de moederdieren in productie genomen zijn, in het geval zij wederom in productie worden genomen.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0015789
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl