BWBR0015840
Geldig vanaf 01-01-2004
Artikel 9
Heffingsverordening bedrijfschap Horeca en Catering 2004
1. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten, als bedoeld in artikel 5, alsmede tot het bepaalde in de artikelen 3, eerste en derde lid en 6, derde en vierde lid, wordt gemandateerd aan de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten en de directeur van het Pensioenfonds Horeca & Catering.
2. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 8, wordt gemandateerd aan de secretaris van het bedrijfschap.
3. De bevoegdheden, bedoeld in het eerste en tweede lid, mogen door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten, de directeur van het Pensioenfonds Horeca & Catering en de secretaris van het bedrijfschap worden ondergemandateerd.
4. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten op bezwaarschriften tegen
a. door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten of door de directeur van het Pensioenfonds Horeca & Catering in mandaat genomen besluiten of
b. in ondermandaat genomen besluiten
2. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten als bedoeld in artikel 8, wordt gemandateerd aan de secretaris van het bedrijfschap.
3. De bevoegdheden, bedoeld in het eerste en tweede lid, mogen door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten, de directeur van het Pensioenfonds Horeca & Catering en de secretaris van het bedrijfschap worden ondergemandateerd.
4. De bevoegdheid tot het nemen van besluiten op bezwaarschriften tegen
a. door de directeur van de Stichting Beheer Horecasecretariaten of door de directeur van het Pensioenfonds Horeca & Catering in mandaat genomen besluiten of
b. in ondermandaat genomen besluiten
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0015840
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl