BWBR0016774
Geldig vanaf 29-06-2008
Artikel 1
Delegatieverordening vereffening bedrijfslichamen 2004
1. De taken en bevoegdheden die in de hierna genoemde regelingen zijn toegekend aan de Raad worden, voorzover zij niet dienen te worden uitgeoefend bij verordening, gedelegeerd aan de Bestuurskamer:
a. Besluit opheffing Landbouwschap (Stb. 2000, 411 );
b. Besluit opheffing Bedrijfschap voor de Groothandel in Eieren en Eiproducten en de Eiproductenindustrie (Stb. 2000, 547);
c. Besluit opheffing Bedrijfschap Pluimveehandel en -industrie (Stb. 2000, 549);
d. Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel (Stb. 2002, 155);
e. Instellingsbesluit Productschap Dranken (Stb. 2002, 264);
f. Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Afbouw en Onderhoud (Stb. 2002, 394);
g. Besluit opheffing Bedrijfschap Brood- en Banketbakkersbedrijf (Stb. 2002, 423);
h. Besluit van 18 juni 2003, houdende opheffing van het Bedrijfschap voor de Handel in Tuinbouwzaden (Stb. 2003, 371);
i. Verordening opheffing Produktschap Groenten en Fruit en Produktschap Siergewassen (Stcrt. 2003, 131);
j. Instellingsbesluit Productschap Vee en Vlees (Stb. 2004, 137).
2. In afwijking van het bepaalde in lid 1 worden de in de volgende artikelen toegekende taken en bevoegdheden gedelegeerd aan de Toezichtkamer:
a. artikel 11, vierde lid, van het Besluit opheffing Landbouwschap;
b. artikelen 16, derde lid, 20, eerste en vierde lid, en 23 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel;
c. artikelen 17, derde lid, 21, eerste en vierde lid, en 24 van het Instellingsbesluit Productschap Dranken;
d. artikelen 16, derde lid, 20, eerste en vierde lid, 22 en 23 van het Instellingsbesluit Productschap Vee en Vlees.
a. Besluit opheffing Landbouwschap (Stb. 2000, 411 );
b. Besluit opheffing Bedrijfschap voor de Groothandel in Eieren en Eiproducten en de Eiproductenindustrie (Stb. 2000, 547);
c. Besluit opheffing Bedrijfschap Pluimveehandel en -industrie (Stb. 2000, 549);
d. Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel (Stb. 2002, 155);
e. Instellingsbesluit Productschap Dranken (Stb. 2002, 264);
f. Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Afbouw en Onderhoud (Stb. 2002, 394);
g. Besluit opheffing Bedrijfschap Brood- en Banketbakkersbedrijf (Stb. 2002, 423);
h. Besluit van 18 juni 2003, houdende opheffing van het Bedrijfschap voor de Handel in Tuinbouwzaden (Stb. 2003, 371);
i. Verordening opheffing Produktschap Groenten en Fruit en Produktschap Siergewassen (Stcrt. 2003, 131);
j. Instellingsbesluit Productschap Vee en Vlees (Stb. 2004, 137).
2. In afwijking van het bepaalde in lid 1 worden de in de volgende artikelen toegekende taken en bevoegdheden gedelegeerd aan de Toezichtkamer:
a. artikel 11, vierde lid, van het Besluit opheffing Landbouwschap;
b. artikelen 16, derde lid, 20, eerste en vierde lid, en 23 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Agrarische Groothandel;
c. artikelen 17, derde lid, 21, eerste en vierde lid, en 24 van het Instellingsbesluit Productschap Dranken;
d. artikelen 16, derde lid, 20, eerste en vierde lid, 22 en 23 van het Instellingsbesluit Productschap Vee en Vlees.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0016774
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl