BWBR0017055
Geldig vanaf 18-09-2004
Artikel 7
Heffingsverordening Hoofdbedrijfschap Afbouw en Onderhoud 2004
1. Degene die een onderneming drijft, waarvoor het hoofdbedrijfschap is ingesteld, is verplicht toe te staan, dat vanwege het hoofdbedrijfschap, voor zover nodig voor het uitoefenen van toezicht op de naleving van deze verordening of voor het verkrijgen van gegevens, welke in strijd met deze verordening niet zijn verstrekt, inzage wordt genomen van de boeken en bescheiden van de onderneming. Hij is gehouden aan de inzage de nodige medewerking te verlenen.
2. De inzage vindt slechts plaats door personen, die daartoe een schriftelijke opdracht van het bestuur van het bedrijfschap kunnen overleggen. De opdracht vermeldt het doel waarvoor de inzage plaatsvindt.
2. De inzage vindt slechts plaats door personen, die daartoe een schriftelijke opdracht van het bestuur van het bedrijfschap kunnen overleggen. De opdracht vermeldt het doel waarvoor de inzage plaatsvindt.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0017055
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl