BWBR0017699
Geldig vanaf 01-01-2008
Artikel 6
Regeling monitoring handel in emissierechten
1. Degene die een inrichting drijft, bepaalt de CO2-jaarvracht van de CO2-installatie per bronstroom met gebruikmaking van de rekenmethode die voor deze CO2-installatie ingevolge de bij deze regeling behorende bijlage II van toepassing is.
2. In afwijking van het eerste lid mag de CO2-jaarvracht van de CO2-installatie per bron worden bepaald door hantering van een continue meetmethode waarbij de CO2-emissies van die bron worden vastgesteld door continue meting van de concentratie van de CO2-emissies in het rookgas en het rookgasdebiet overeenkomstig de bij deze regeling behorende bijlage XII, indien ten genoegen van het bestuur van de emissieautoriteit is aangetoond dat:
a. met deze methode een grotere nauwkeurigheid wordt verkregen dan met de rekenmethode, bedoeld in het eerste lid, en onredelijke kosten kunnen worden vermeden;
b. voor de vergelijking tussen deze methode en de rekenmethode, bedoeld in het eerste lid, is uitgegaan van dezelfde combinatie van bronnen en bronstromen van CO2-emissies.
2. In afwijking van het eerste lid mag de CO2-jaarvracht van de CO2-installatie per bron worden bepaald door hantering van een continue meetmethode waarbij de CO2-emissies van die bron worden vastgesteld door continue meting van de concentratie van de CO2-emissies in het rookgas en het rookgasdebiet overeenkomstig de bij deze regeling behorende bijlage XII, indien ten genoegen van het bestuur van de emissieautoriteit is aangetoond dat:
a. met deze methode een grotere nauwkeurigheid wordt verkregen dan met de rekenmethode, bedoeld in het eerste lid, en onredelijke kosten kunnen worden vermeden;
b. voor de vergelijking tussen deze methode en de rekenmethode, bedoeld in het eerste lid, is uitgegaan van dezelfde combinatie van bronnen en bronstromen van CO2-emissies.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0017699
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl