BWBR0018310
Geldig vanaf 18-05-2005
Artikel 2
Aanpassing studiefinanciering en WTOS VO-18+ in verband met arrest Bidar
1. Een studerende met de nationaliteit van een van de lidstaten van de Europese Unie dan wel van een andere staat die partij is bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte van 2 mei 1992 dan wel van Zwitserland, kan op aanvraag in aanmerking komen voor studiefinanciering ingevolge de WSF 2000 dan wel een tegemoetkoming in het kader van de WTOS, indien hij voorafgaand aan de aanvraag gedurende een ononderbroken periode van tenminste vijf jaar legaal in Nederland verblijf heeft gehad. De overige bepalingen uit de WSF 2000 dan wel de WTOS zijn onverkort van toepassing.
2. Het in het eerste lid genoemde verblijf wordt verondersteld, indien de studerende gedurende de genoemde periode is ingeschreven geweest in de GBA.
3. De studerende die op grond van deze beleidsregel in aanmerking komt voor studiefinanciering of een tegemoetkoming, komt niet in aanmerking voor de Raulinvergoeding.
2. Het in het eerste lid genoemde verblijf wordt verondersteld, indien de studerende gedurende de genoemde periode is ingeschreven geweest in de GBA.
3. De studerende die op grond van deze beleidsregel in aanmerking komt voor studiefinanciering of een tegemoetkoming, komt niet in aanmerking voor de Raulinvergoeding.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0018310
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl