BWBR0018491
Geldig vanaf 02-07-2006
Artikel 2
Verordening PT bijzondere heffing vollegrondsgroenten 2006
1. De ondernemer die in het jaar 2006 een onderneming drijft waarin vollegrondsgroenten, waaronder begrepen aardbeien, witlofwortel en witloftrek, worden geteeld is aan het productschap een heffing verschuldigd. Het areaal uitgangsmateriaal voor vollegrondsgroenten waarvan het uitgangsmateriaal in het handelsverkeer wordt gebracht en onder keuring van de NAK Tuinbouw valt, is van deze heffing uitgezonderd.
2. De berekening van de heffing als bedoeld in het eerste lid, vindt plaats op basis van de door de ondernemer aan het productschap verstrekte gegevens.
3. De heffing als bedoeld in het eerste lid, is aan het productschap verschuldigd over het kalenderjaar 2006, ten behoeve van afzetbevordering, onderzoek en milieuprojecten.
4. De heffing als bedoeld in het eerste lid, wordt opgelegd bij wege van een aanslag, met inachtneming van het in de volgende artikelen bepaalde.
2. De berekening van de heffing als bedoeld in het eerste lid, vindt plaats op basis van de door de ondernemer aan het productschap verstrekte gegevens.
3. De heffing als bedoeld in het eerste lid, is aan het productschap verschuldigd over het kalenderjaar 2006, ten behoeve van afzetbevordering, onderzoek en milieuprojecten.
4. De heffing als bedoeld in het eerste lid, wordt opgelegd bij wege van een aanslag, met inachtneming van het in de volgende artikelen bepaalde.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0018491
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl