BWBR0018607
Geldig vanaf 2005-12-01
Artikel 76
Besluit aanbestedingsregels voor overheidsopdrachten
1. Indien de Commissie toepassing geeft aan de procedures, bedoeld in artikel 3 van richtlijn nr. 89/665/EEG, verleent de betrokken aanbestedende dienst, de subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 8, tweede lid, of de concessiehouder, bedoeld in artikel 64, eerste lid, zijn medewerking daaraan overeenkomstig het tweede tot en met het vierde lid.
2. Binnen 21 dagen na ontvangst van de kennisgeving van de Commissie van de redenen waarom zij meent dat er een duidelijke en kennelijke schending heeft plaatsgevonden, deelt de aanbestedende dienst, de subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 8, tweede lid, of de concessiehouder, bedoeld in artikel 64, eerste lid, de Commissie mee:
a. de bevestiging dat de schending ongedaan is gemaakt,
b. een met redenen omklede conclusie waarin toegelicht wordt waarom geen corrigerende actie is ondernomen, of
c. een kennisgeving waarin wordt meegedeeld dat de aanbestedingsprocedure hetzij op initiatief van de aanbestedende dienst, de subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 8, tweede lid, of de concessiehouder, bedoeld in artikel 64, eerste lid, hetzij in het kader van de uitoefening van de bevoegdheden, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van richtlijn nr. 89/665/EEG is opgeschort.
3. Een met redenen omklede conclusie als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, kan met name worden gebaseerd op het feit dat tegen de beweerde schending beroep bij een rechter of beroep als bedoeld in artikel 2, achtste lid, van richtlijn nr. 89/665/EEGis ingesteld. In dat geval deelt de aanbestedende dienst de Commissie het resultaat van deze procedures mee, zodra dit bekend is.
4. In geval van kennisgeving waarbij wordt meegedeeld dat een aanbestedingsprocedure is opgeschort overeenkomstig het tweede lid, onderdeel c, stelt de aanbestedende dienst, de subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 8, tweede lid, of de concessiehouder, bedoeld in artikel 64, eerste lid, de Commissie ervan in kennis dat de opschorting is ingetrokken of dat een andere aanbestedingsprocedure is ingeleid die geheel of gedeeltelijk verband houdt met de voorgaande procedure. Deze nieuwe kennisgeving bevestigt dat de beweerde schending ongedaan is gemaakt, of bevat een met redenen omklede conclusie waarin toegelicht wordt waarom geen corrigerende actie heeft plaatsgevonden.
2. Binnen 21 dagen na ontvangst van de kennisgeving van de Commissie van de redenen waarom zij meent dat er een duidelijke en kennelijke schending heeft plaatsgevonden, deelt de aanbestedende dienst, de subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 8, tweede lid, of de concessiehouder, bedoeld in artikel 64, eerste lid, de Commissie mee:
a. de bevestiging dat de schending ongedaan is gemaakt,
b. een met redenen omklede conclusie waarin toegelicht wordt waarom geen corrigerende actie is ondernomen, of
c. een kennisgeving waarin wordt meegedeeld dat de aanbestedingsprocedure hetzij op initiatief van de aanbestedende dienst, de subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 8, tweede lid, of de concessiehouder, bedoeld in artikel 64, eerste lid, hetzij in het kader van de uitoefening van de bevoegdheden, genoemd in artikel 2, eerste lid, onderdeel a, van richtlijn nr. 89/665/EEG is opgeschort.
3. Een met redenen omklede conclusie als bedoeld in het tweede lid, onderdeel b, kan met name worden gebaseerd op het feit dat tegen de beweerde schending beroep bij een rechter of beroep als bedoeld in artikel 2, achtste lid, van richtlijn nr. 89/665/EEGis ingesteld. In dat geval deelt de aanbestedende dienst de Commissie het resultaat van deze procedures mee, zodra dit bekend is.
4. In geval van kennisgeving waarbij wordt meegedeeld dat een aanbestedingsprocedure is opgeschort overeenkomstig het tweede lid, onderdeel c, stelt de aanbestedende dienst, de subsidie-ontvanger, bedoeld in artikel 8, tweede lid, of de concessiehouder, bedoeld in artikel 64, eerste lid, de Commissie ervan in kennis dat de opschorting is ingetrokken of dat een andere aanbestedingsprocedure is ingeleid die geheel of gedeeltelijk verband houdt met de voorgaande procedure. Deze nieuwe kennisgeving bevestigt dat de beweerde schending ongedaan is gemaakt, of bevat een met redenen omklede conclusie waarin toegelicht wordt waarom geen corrigerende actie heeft plaatsgevonden.