BWBR0019103
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 5
Besluit borgstelling scheepsnieuwbouw
1. Een aanvraag om borgstelling als bedoeld in artikel 2 wordt ingediend met gebruikmaking van een formulier, dat bij ministeriële regeling wordt vastgesteld.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. de kredietovereenkomst waarover borgstelling wordt aangevraagd;
b. een analyse en beoordeling door de bank van de kredietwaardigheid van de scheepswerf met het oog op de kredietovereenkomst;
c. een contract tussen enerzijds de opdrachtgever en anderzijds de scheepswerf die de opdracht zal uitvoeren;
d. andere bescheiden, vermeld in het formulier.
3. De aanvraag geschiedt binnen zeven werkdagen na het sluiten van de kredietovereenkomst.
2. De aanvraag gaat vergezeld van:
a. de kredietovereenkomst waarover borgstelling wordt aangevraagd;
b. een analyse en beoordeling door de bank van de kredietwaardigheid van de scheepswerf met het oog op de kredietovereenkomst;
c. een contract tussen enerzijds de opdrachtgever en anderzijds de scheepswerf die de opdracht zal uitvoeren;
d. andere bescheiden, vermeld in het formulier.
3. De aanvraag geschiedt binnen zeven werkdagen na het sluiten van de kredietovereenkomst.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0019103
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl