BWBR0020368 Geldig vanaf 2015-11-11
Artikel 6:7 Wft
Wet op het financieel toezicht — artikel 6:7
1. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State behandelt de zaak met toepassing van afdeling 8.2.3 van de Algemene wet bestuursrecht. Afdeling 8.2.4 van die wetblijft buiten toepassing.
2. Aan Onze Minister wordt terstond een afschrift van het beroepschrift gezonden. Artikel 8:58 van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat tot één dag voor de zitting nadere stukken kunnen worden ingediend.
3. De Afdeling doet uitspraak uiterlijk op de veertiende dag nadat het beroepschrift is ontvangen. Indien met toepassing van artikel 8.14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrechttwee of meer zaken gevoegd worden behandeld, doet de Afdeling uitspraak uiterlijk op de veertiende dag na ontvangst van het laatst ontvangen beroepschrift.
4. De voorzitter van de Afdeling stelt partijen onverwijld in kennis van de uitspraak.
2. Aan Onze Minister wordt terstond een afschrift van het beroepschrift gezonden. Artikel 8:58 van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat tot één dag voor de zitting nadere stukken kunnen worden ingediend.
3. De Afdeling doet uitspraak uiterlijk op de veertiende dag nadat het beroepschrift is ontvangen. Indien met toepassing van artikel 8.14, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrechttwee of meer zaken gevoegd worden behandeld, doet de Afdeling uitspraak uiterlijk op de veertiende dag na ontvangst van het laatst ontvangen beroepschrift.
4. De voorzitter van de Afdeling stelt partijen onverwijld in kennis van de uitspraak.
- Citeren als
- Art. 6:7 Wft
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020368
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl