BWBR0020420
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 23i
Besluit prudentiële regels Wft
1. Een bank of beleggingsonderneming als bedoeld in artikel 23, eerste lid, beschikt over passende procedures die haar werknemers in staat stellen om door hen geconstateerde mogelijke of feitelijke overtredingen van de verordening kapitaalvereisten, de verordening prudentiële vereisten voor beleggingsondernemingen of het bij of krachtens hoofdstuk 1.7en het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de wetbepaalde intern te melden.
2. Deze procedures voldoen aan de vereisten in artikel 71, tweede lid, onderdelen b, c en d, en derde lid, van de richtlijn kapitaalvereisten, of, in het geval van beleggingsondernemingen in de zin van de richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen, aan de vereisten in artikel 22, eerste lid, onderdelen b, c en d, van de richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen. Artikel 23, tiende lid, is van overeenkomstige toepassing.
2. Deze procedures voldoen aan de vereisten in artikel 71, tweede lid, onderdelen b, c en d, en derde lid, van de richtlijn kapitaalvereisten, of, in het geval van beleggingsondernemingen in de zin van de richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen, aan de vereisten in artikel 22, eerste lid, onderdelen b, c en d, van de richtlijn prudentieel toezicht beleggingsondernemingen. Artikel 23, tiende lid, is van overeenkomstige toepassing.