BWBR0020608
Geldig vanaf 2007-01-16
Artikel VI
Wijzigingswet Elektriciteitswet 1998 en Gaswet (nadere regels omtrent een onafhankelijk netbeheer)
1. Een netbeheerder voldoet aan artikel 10a van de Elektriciteitswet 1998onderscheidenlijk artikel 3b van de Gaswet, indien hij of een vennootschap waarin hij alle aandelen houdt, over de economische eigendom van het net beschikt, behoudens de rechten van derden die voortvloeien uit of verband houden met een overeenkomst met betrekking tot dat net.
2. Indien uit een overeenkomst voortvloeit dat een ander dan de aangewezen netbeheerder van het net waarop die overeenkomst betrekking heeft de economische eigendom van dat net verkrijgt, zijn de artikelen 10a van de Elektriciteitwet 1998onderscheidenlijk 3b van de Gaswetniet van toepassing gedurende dertien weken na het tijdstip van die verkrijging.
3. Indien het tweede lid toepassing vindt, kan degene die de economische eigendom verkrijgt binnen de in dat lid genoemde termijn van dertien weken een nieuwe netbeheerder aanwijzen, met inachtneming van alle daarvoor bij of krachtens de Elektriciteitswet 1998onderscheidenlijk de Gaswetgestelde regels, waaronder de verplichting om de economische eigendom te verschaffen aan de netbeheerder. Evenwel zijn op deze aanwijzing de artikelen 10, vierde lid, van de Elektriciteitswet 1998onderscheidenlijk 2, derde lid, van de Gaswetniet van toepassing.
4. Indien het derde lid toepassing vindt, heeft degene die de economische eigendom verschaft aan de netbeheerder recht op een tegenprestatie die de marktwaarde van de verschafte rechten op het net vertegenwoordigt.
2. Indien uit een overeenkomst voortvloeit dat een ander dan de aangewezen netbeheerder van het net waarop die overeenkomst betrekking heeft de economische eigendom van dat net verkrijgt, zijn de artikelen 10a van de Elektriciteitwet 1998onderscheidenlijk 3b van de Gaswetniet van toepassing gedurende dertien weken na het tijdstip van die verkrijging.
3. Indien het tweede lid toepassing vindt, kan degene die de economische eigendom verkrijgt binnen de in dat lid genoemde termijn van dertien weken een nieuwe netbeheerder aanwijzen, met inachtneming van alle daarvoor bij of krachtens de Elektriciteitswet 1998onderscheidenlijk de Gaswetgestelde regels, waaronder de verplichting om de economische eigendom te verschaffen aan de netbeheerder. Evenwel zijn op deze aanwijzing de artikelen 10, vierde lid, van de Elektriciteitswet 1998onderscheidenlijk 2, derde lid, van de Gaswetniet van toepassing.
4. Indien het derde lid toepassing vindt, heeft degene die de economische eigendom verschaft aan de netbeheerder recht op een tegenprestatie die de marktwaarde van de verschafte rechten op het net vertegenwoordigt.