BWBR0020616 Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 53 Wft
Invoerings- en aanpassingswet Wet op het financieel toezicht — artikel 53
1. Een mededeling die is gedaan op grond van artikel 13, derde lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995ten behoeve van een beleggingsonderneming met zetel in Nederland, wordt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezichtaangemerkt als het besluit tot instemming, bedoeld in artikel 2:127, eerste lid, van laatstgenoemde wet.
2. Een mededeling die is gedaan op grond van artikel 14, derde lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995ten behoeve van een beleggingsonderneming met zetel in Nederland, wordt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezichtaangemerkt als de mededeling, bedoeld in artikel 2:129, tweede lid, van laatstgenoemde wet.
3. Een besluit tot instemming als bedoeld in artikel 15a, eerste lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995, berust vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezichtop 2:130, tweede lid, van laatstgenoemde wet.
2. Een mededeling die is gedaan op grond van artikel 14, derde lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995ten behoeve van een beleggingsonderneming met zetel in Nederland, wordt vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezichtaangemerkt als de mededeling, bedoeld in artikel 2:129, tweede lid, van laatstgenoemde wet.
3. Een besluit tot instemming als bedoeld in artikel 15a, eerste lid, van de Wet toezicht effectenverkeer 1995, berust vanaf het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet op het financieel toezichtop 2:130, tweede lid, van laatstgenoemde wet.
- Citeren als
- Art. 53 Wft
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0020616
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl