1. Deze wet treedt in werking met ingang van 1 januari 2007, met dien verstande dat artikel I, onderdelen A, Ca, O, en P, en artikel IV, onderdelen H, I, en J, eerst toepassing vinden nadat
artikel 10.1 van de Wet inkomstenbelasting 2001bij het begin van het kalenderjaar 2007 is toegepast.
2. Het ingevolge artikel I, onderdeel D, ingevoegde
artikel 3.78a van de Wet inkomstenbelasting 2001vindt voor het eerst toepassing met betrekking tot de belastingplichtige die na 31 december 2006 ondernemer wordt.
3. Artikel Vvindt eerst toepassing nadat
artikel 35a van de Successiewet 1956bij het begin van het kalenderjaar 2007 is toegepast. Het ingevolge artikel Vgewijzigde
artikel 32 van de Successiewet 1956vindt voor het eerst toepassing met betrekking tot belastbare feiten in de zin van de
Successiewet 1956die zich hebben voorgedaan op of na 1 januari 2007.
4. In afwijking van het eerste lid werken de artikelen I, onderdeel F en onderdeel G, tweede lid, VI, onderdelen A, C, E en J, en VIIterug tot en met 1 januari 2006.
5. In afwijking van het eerste lid werken de artikelen I, onderdeel K, en IIIterug tot en met 9 mei 2006.
6. In afwijking van het eerste lid treden de artikelen Xen XI, onderdelen E en G, in werking met ingang van 1 februari 2007.
7. In afwijking van het eerste lid treden de artikelen XI, onderdelen B, C en D, en XIIin werking met ingang van 1 april 2007.
8. Vervallen.
9. In afwijking van het eerste lid vindt artikel IVaeerst toepassing nadat het bij koninklijke boodschap van 24 mei 2006 ingediende voorstel van wet tot wijziging van belastingwetten ter realisering van de doelstelling uit de nota «Werken aan winst» (Wet werken aan winst), Kamerstukken II 2005/06, 30 572, in werking is getreden.