BWBR0021803
Geldig vanaf 22-04-2007
Artikel 9
Besluit PT instelling taxatiecommissie Ditylenchus dipsaci en de commissie controle zorgverplichtingen bij bloembollen, en de richtlijn voor het totstandkomen van een te verstrekken vergoeding door het Productschap Tuinbouw
1. Een teler ontvangt geen vergoeding, als hij niet is overgegaan tot vrijwillige vernietiging, als bedoeld in artikel 8, eerste lid, indien gedurende een der eerstvolgende drie teeltjaren, waarin een advies als bedoeld in meergenoemd eerste lid aan hem is verstrekt, blijkens een door de BKD afgegeven verklaring, zijn bloembollenkraam blijkt te zijn aangetast door Ditylenchus dipsaci, tenzij wordt aangetoond dat er geen relatie bestaat tussen de geconstateerde aantasting(en) door Ditylenchus dipsaci en het uitgebrachte advies, dat niet werd opgevolgd. Dit ter beoordeling van het productschap, op advies van de taxatiecommissie.
2. Een teler ontvangt geen vergoeding als hij, in afwijking van het advies van de BKD gele krokussen of narcissen, geen warmwaterbehandeling heeft laten ondergaan indien zijn bloembollenkraam gedurende één der eerstvolgende drie teeltjaren na het teeltjaar waarin een advies aan hem is verstrekt, blijkens een door de BKD afgegeven verklaring, blijkt aangetast te zijn door Ditylenchus dipsaci. Het advies van de BKD betreffende gele krokus wordt vóór 15 augustus gegeven.
3. Een teler ontvangt geen vergoeding als hij geen correcte registratie heeft gevoerd van zijn teeltplan. Een teler dient ten minste:
a. te beschikken over de opgaven die jaarlijks aan de BKD worden gedaan over een periode van 5 jaar voorafgaand aan de geconstateerde besmetting;
b. bij de teelt op huurland een registratie bij te houden van de laatste teelt op het betreffende perceel voorafgaand aan de geconstateerde besmetting; en
c. te beschikken over een registratie van de plantvolgorde van de cultivars van het seizoen waarin de besmetting is geconstateerd. Dit ter beoordeling van het productschap op advies van de BKD, dan wel een andere onafhankelijke certificerende instelling.
4. Een teler ontvangt geen vergoeding indien hij bij de opeenvolgende teelt van waardplanten op hetzelfde perceel geen maatregelen heeft getroffen om risico’s op besmetting te voorkomen. Dit ter beoordeling van het productschap op advies van de commissie die beoordeelt in hoeverre is voldaan aan zorgverplichtingen.
2. Een teler ontvangt geen vergoeding als hij, in afwijking van het advies van de BKD gele krokussen of narcissen, geen warmwaterbehandeling heeft laten ondergaan indien zijn bloembollenkraam gedurende één der eerstvolgende drie teeltjaren na het teeltjaar waarin een advies aan hem is verstrekt, blijkens een door de BKD afgegeven verklaring, blijkt aangetast te zijn door Ditylenchus dipsaci. Het advies van de BKD betreffende gele krokus wordt vóór 15 augustus gegeven.
3. Een teler ontvangt geen vergoeding als hij geen correcte registratie heeft gevoerd van zijn teeltplan. Een teler dient ten minste:
a. te beschikken over de opgaven die jaarlijks aan de BKD worden gedaan over een periode van 5 jaar voorafgaand aan de geconstateerde besmetting;
b. bij de teelt op huurland een registratie bij te houden van de laatste teelt op het betreffende perceel voorafgaand aan de geconstateerde besmetting; en
c. te beschikken over een registratie van de plantvolgorde van de cultivars van het seizoen waarin de besmetting is geconstateerd. Dit ter beoordeling van het productschap op advies van de BKD, dan wel een andere onafhankelijke certificerende instelling.
4. Een teler ontvangt geen vergoeding indien hij bij de opeenvolgende teelt van waardplanten op hetzelfde perceel geen maatregelen heeft getroffen om risico’s op besmetting te voorkomen. Dit ter beoordeling van het productschap op advies van de commissie die beoordeelt in hoeverre is voldaan aan zorgverplichtingen.
- Citeren als
- Art. 9
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0021803
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl