BWBR0021923
Geldig vanaf 27-05-2007
Artikel 2
Tijdelijke regeling inkomensgevolgen overgang IOAW naar Toeslagenwet 2007
1. Een persoon heeft in de periode juli tot en met december 2007 recht op een tegemoetkoming over iedere maand in die periode waarin hij op de eerste dag van die maand:
a. 23 jaar of ouder is;
b. recht heeft op een toeslag op grond van artikel 2, derde lid, van de Toeslagenwet;
c. geen recht heeft op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet; en
d. recht heeft op een gedeeltelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering.
2. In de maand juli bedraagt de tegemoetkoming EUR 678,44 en in de maanden augustus tot en met december bedraagt de tegemoetkoming EUR 96,92 per maand.
3. De tegemoetkoming wordt maandelijks door het UWV betaald en zoveel mogelijk samen met de toeslag in één bedrag.
4. Voor de toepassing van andere wetten dan de Kaderwet SZW-subsidies en de Toeslagenwet en de daarop berustende bepalingen, wordt een tegemoetkoming op grond van deze regeling aangemerkt als een toeslag op grond van de Toeslagenwet.
a. 23 jaar of ouder is;
b. recht heeft op een toeslag op grond van artikel 2, derde lid, van de Toeslagenwet;
c. geen recht heeft op een uitkering op grond van de Werkloosheidswet; en
d. recht heeft op een gedeeltelijke arbeidsongeschiktheidsuitkering.
2. In de maand juli bedraagt de tegemoetkoming EUR 678,44 en in de maanden augustus tot en met december bedraagt de tegemoetkoming EUR 96,92 per maand.
3. De tegemoetkoming wordt maandelijks door het UWV betaald en zoveel mogelijk samen met de toeslag in één bedrag.
4. Voor de toepassing van andere wetten dan de Kaderwet SZW-subsidies en de Toeslagenwet en de daarop berustende bepalingen, wordt een tegemoetkoming op grond van deze regeling aangemerkt als een toeslag op grond van de Toeslagenwet.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0021923
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl