BWBR0022752
Geldig vanaf 01-11-2007
Artikel 3
Deelregeling vierjarige subsidies Podiumkunstinstellingen 2009–2012
1. Het totale beschikbare bedrag dat het bestuur van het Fonds voor het uitvoeren van deze deelregeling 2009–2012 onder aanvragers kan verdelen, bedraagt minimaal € 112,3 mln., onder voorbehoud van verstrekking van deze middelen door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap.
2. Het bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt als volgt onderverdeeld:
a. € 37,2 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de muzieksector;
b. € 49,6 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de theatersector;
c. € 10,2 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de danssector;
d. € 5,1 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de muziektheatersector;
e. € 10,2 mln. voor de festivals.
3. Het bestuur van het Fonds kan overgaan tot het verhogen van de subsidieplafonds als bedoeld in het eerste en tweede lid.
4. Het bestuur van het Fonds kan niet-benutte bedragen als bedoeld in het tweede lid, toevoegen aan één of meerdere budgetten als bedoeld in het tweede lid.
2. Het bedrag, genoemd in het eerste lid, wordt als volgt onderverdeeld:
a. € 37,2 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de muzieksector;
b. € 49,6 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de theatersector;
c. € 10,2 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de danssector;
d. € 5,1 mln. voor de producerende podiumkunstinstellingen in de muziektheatersector;
e. € 10,2 mln. voor de festivals.
3. Het bestuur van het Fonds kan overgaan tot het verhogen van de subsidieplafonds als bedoeld in het eerste en tweede lid.
4. Het bestuur van het Fonds kan niet-benutte bedragen als bedoeld in het tweede lid, toevoegen aan één of meerdere budgetten als bedoeld in het tweede lid.
- Citeren als
- Art. 3
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0022752
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl