BWBR0023699
Geldig vanaf 2008-03-30
Artikel 9
Regeling medische keuringen binnenvaart 2008
1. Indien de aanvrager in de gevallen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder a, van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart, een eigen verklaring overlegt aan de instantie die het klein vaarbewijs afgeeft, maakt hij daartoe gebruik van het formulier dat is opgenomen in Bijlage IV.
2. Indien de aanvrager in de gevallen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b tot en met e, van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart, een eigen verklaring overlegt aan de instantie die belast is met de afgifte van het groot vaarbewijs of het Rijnpatent, maakt hij daartoe gebruik van het formulier dat is opgenomen in Bijlage IV.
3. Indien alle vragen van de eigen verklaring met ‘nee’ zijn beantwoord, stuurt de aanvrager de ingevulde en ondertekende eigen verklaring samen met de aanvraag voor het vaardocument naar:
a. de instantie belast met de afgifte van klein vaarbewijzen in het geval, bedoeld in het eerste lid; of
b. de instantie belast met de afgifte van groot vaarbewijzen en Rijnpatenten in de gevallen, bedoeld in het tweede lid.
2. Indien de aanvrager in de gevallen, bedoeld in artikel 7, eerste lid, aanhef en onder b tot en met e, van het Besluit vaarbewijzen binnenvaart, een eigen verklaring overlegt aan de instantie die belast is met de afgifte van het groot vaarbewijs of het Rijnpatent, maakt hij daartoe gebruik van het formulier dat is opgenomen in Bijlage IV.
3. Indien alle vragen van de eigen verklaring met ‘nee’ zijn beantwoord, stuurt de aanvrager de ingevulde en ondertekende eigen verklaring samen met de aanvraag voor het vaardocument naar:
a. de instantie belast met de afgifte van klein vaarbewijzen in het geval, bedoeld in het eerste lid; of
b. de instantie belast met de afgifte van groot vaarbewijzen en Rijnpatenten in de gevallen, bedoeld in het tweede lid.