BWBR0023771
Geldig vanaf 2008-07-01
Artikel 66
Besluit algemene regels milieu mijnbouw
1. Voor een installatie als bedoeld in artikel 4en artikel 5, eerste lid, waarvoor op het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit reeds een vergunning als bedoeld in artikel 8.1, eerste en tweede lid, van de Wet milieubeheerof artikel 40, tweede lid, eerste volzin, van de Mijnbouwwetis verleend, blijven de voorschriften met betrekking tot geluid van die vergunning gedurende drie jaar na het tijdstip van inwerkingtreding van dit besluit op die installatie van toepassing als maatwerkvoorschrift als bedoeld in artikel 20, eerste of tweede lid. Onze Minister kan voor afloop van de termijn van drie jaar deze voorschriften wijzigen of intrekken.
2. Indien voor het tijdstip waarop dit besluit in werking treedt, een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 8.1, eerste en tweede lid, van de Wet milieubeheerof artikel 40, tweede lid, van de Mijnbouwwetvoor het oprichten van een installatie als bedoeld in artikel 4of artikel 5, eerste lid, bij Onze Minister is ingediend maar de vergunning nog niet is verleend en in werking getreden, wordt de aanvraag om de vergunning aangemerkt als een melding overeenkomstig artikel 7of 8.
2. Indien voor het tijdstip waarop dit besluit in werking treedt, een aanvraag om een vergunning als bedoeld in artikel 8.1, eerste en tweede lid, van de Wet milieubeheerof artikel 40, tweede lid, van de Mijnbouwwetvoor het oprichten van een installatie als bedoeld in artikel 4of artikel 5, eerste lid, bij Onze Minister is ingediend maar de vergunning nog niet is verleend en in werking getreden, wordt de aanvraag om de vergunning aangemerkt als een melding overeenkomstig artikel 7of 8.