BWBR0025039
Geldig vanaf 2009-01-01
Artikel 15
Wet participatiebudget
1. De Wet werk en bijstanden de Wet educatie en beroepsonderwijsen de daarop berustende bepalingen, zoals deze luidden op 31 december 2008, blijven van toepassing op uitkeringen op grond van de artikelen 69, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstanden op de rijksbijdrage op grond van artikel 2.3.1 van de Wet educatie en beroepsonderwijsover de jaren gelegen voor 2009.
2. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven omtrent de vaststelling van de rijksbijdrage die op grond van artikel 52 van de Wet inburgeringis verleend over de jaren voor 2009.
3. Het deel van de uitkering op grond van artikel 69, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstandvoor het jaar 2008 dat op grond van de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 70, derde lid, van die wet, zoals deze luidde op 31 december 2008, wordt toegevoegd aan de uitkering van het daaropvolgende kalenderjaar, wordt toegevoegd aan de uitkering, bedoeld in artikel 2van deze wet, voor het jaar 2009.
4. In afwijking van artikel 2, tweede lid, wordt de uitkering voor het kalenderjaar 2009 binnen vier weken na de inwerkingtreding van deze wet vastgesteld.
2. Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gegeven omtrent de vaststelling van de rijksbijdrage die op grond van artikel 52 van de Wet inburgeringis verleend over de jaren voor 2009.
3. Het deel van de uitkering op grond van artikel 69, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstandvoor het jaar 2008 dat op grond van de algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 70, derde lid, van die wet, zoals deze luidde op 31 december 2008, wordt toegevoegd aan de uitkering van het daaropvolgende kalenderjaar, wordt toegevoegd aan de uitkering, bedoeld in artikel 2van deze wet, voor het jaar 2009.
4. In afwijking van artikel 2, tweede lid, wordt de uitkering voor het kalenderjaar 2009 binnen vier weken na de inwerkingtreding van deze wet vastgesteld.