BWBR0025646
Geldig vanaf 20-12-2008
Artikel 4
Heffingsverordening Productschap Dranken/Commissie voor gedistilleerd 2009
1. De oplegging van de in artikel 2 genoemde heffing geschiedt door de secretaris namens het Bestuur door toezending of uitreiking van een heffingsaanslag.
2. Degenen die een onderneming drijven waarin gemiddeld per maand 500 hectoliter of meer gedistilleerde dranken en/of zwak gedistilleerde dranken, omgerekend tot een sterkte van 100% vol,
a. uit grondstoffen worden bereid, in de zin van artikel 2 leden 1 en 3, danwel,
b. in Nederland worden geïmporteerd in de zin van artikel 2 lid 2, ontvangen een heffingsaanslag per maand.
3. Degenen die een onderneming drijven waarin gemiddeld minder dan 500 hectoliter per maand gedistilleerde dranken en/of zwak gedistilleerde dranken, omgerekend tot een sterkte van 100% vol,
a. uit grondstoffen worden bereid, in de zin van artikel 2 leden 1 en 3, danwel,
b. in Nederland worden geïmporteerd in de zin van artikel 2 lid 2, ontvangen een heffingsaanslag per kwartaal.
4. Degenen die een onderneming drijven waarin per jaar gemiddeld minder dan 5 hectoliter gedistilleerde dranken en/of zwak gedistilleerde dranken, omgerekend tot een sterkte van 100% vol,
a. uit grondstoffen worden bereid, in de zin van artikel 2 leden 1 en 3, danwel,
b. in Nederland worden geïmporteerd in de zin van artikel 2 lid 2, ontvangen een heffingsaanslag per jaar.
5. De bepaling van de gemiddelde hoeveelheid als bedoeld in de leden 2 t/m 4 van dit artikel, geschiedt op basis van de hoeveelheid bereide en geïmporteerde dranken in het jaar voorafgaande aan het kalenderjaar waarin de periodieke heffingsaanslag wordt opgelegd.
6. De betaling op bovengenoemde heffingsaanslagen moet geschieden binnen één maand na dagtekening van deze heffingsaanslag.
7. Ingeval de opgave van een onderneming waarmede de heffingsaanslag als bedoeld in lid 1 wordt vastgesteld ontbreekt, kan de secretaris namens het Bestuur ambtshalve de heffing over dat tijdvak opleggen.
8. De secretaris is namens het Bestuur gerechtigd kosten ad € 150,-- in rekening te brengen ingeval de opgave ten behoeve van de heffing niet tijdig wordt verstrekt wordt. Een opgave wordt geacht niet tijdig ontvangen te zijn indien twee maanden verstreken zijn na de maand respectievelijk het kwartaal respectievelijk het jaar waarover de heffing verschuldigd is.
2. Degenen die een onderneming drijven waarin gemiddeld per maand 500 hectoliter of meer gedistilleerde dranken en/of zwak gedistilleerde dranken, omgerekend tot een sterkte van 100% vol,
a. uit grondstoffen worden bereid, in de zin van artikel 2 leden 1 en 3, danwel,
b. in Nederland worden geïmporteerd in de zin van artikel 2 lid 2, ontvangen een heffingsaanslag per maand.
3. Degenen die een onderneming drijven waarin gemiddeld minder dan 500 hectoliter per maand gedistilleerde dranken en/of zwak gedistilleerde dranken, omgerekend tot een sterkte van 100% vol,
a. uit grondstoffen worden bereid, in de zin van artikel 2 leden 1 en 3, danwel,
b. in Nederland worden geïmporteerd in de zin van artikel 2 lid 2, ontvangen een heffingsaanslag per kwartaal.
4. Degenen die een onderneming drijven waarin per jaar gemiddeld minder dan 5 hectoliter gedistilleerde dranken en/of zwak gedistilleerde dranken, omgerekend tot een sterkte van 100% vol,
a. uit grondstoffen worden bereid, in de zin van artikel 2 leden 1 en 3, danwel,
b. in Nederland worden geïmporteerd in de zin van artikel 2 lid 2, ontvangen een heffingsaanslag per jaar.
5. De bepaling van de gemiddelde hoeveelheid als bedoeld in de leden 2 t/m 4 van dit artikel, geschiedt op basis van de hoeveelheid bereide en geïmporteerde dranken in het jaar voorafgaande aan het kalenderjaar waarin de periodieke heffingsaanslag wordt opgelegd.
6. De betaling op bovengenoemde heffingsaanslagen moet geschieden binnen één maand na dagtekening van deze heffingsaanslag.
7. Ingeval de opgave van een onderneming waarmede de heffingsaanslag als bedoeld in lid 1 wordt vastgesteld ontbreekt, kan de secretaris namens het Bestuur ambtshalve de heffing over dat tijdvak opleggen.
8. De secretaris is namens het Bestuur gerechtigd kosten ad € 150,-- in rekening te brengen ingeval de opgave ten behoeve van de heffing niet tijdig wordt verstrekt wordt. Een opgave wordt geacht niet tijdig ontvangen te zijn indien twee maanden verstreken zijn na de maand respectievelijk het kwartaal respectievelijk het jaar waarover de heffing verschuldigd is.
- Citeren als
- Art. 4
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0025646
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl