BWBR0025839
Geldig vanaf 01-07-2017
Artikel 5
Regeling tegemoetkoming kosten opleidingsscholen
1. De hoogte van de subsidie per subsidieontvanger wordt bepaald aan de hand van het aantal studenten op de opleidingsschool in het verstreken schooljaar, zoals in bijlage 2 is aangegeven.
2. De subsidie wordt verleend als tegemoetkoming in de uitgaven die zijn verbonden aan de in artikel 2 omschreven activiteiten. Zij kan ook worden aangewend voor andere bekostigde activiteiten van de aanvrager.
3. In afwijking van het eerste lid, bedraagt de subsidie aan een aspirant-opleidingsschool de eerste twee schooljaren € 250.000 per schooljaar.
4. In afwijking van het eerste en derde lid, bedraagt de subsidie aan een aspirant-opleidingsschool in het vo in de eerste twee schooljaren € 300.000 per schooljaar.
2. De subsidie wordt verleend als tegemoetkoming in de uitgaven die zijn verbonden aan de in artikel 2 omschreven activiteiten. Zij kan ook worden aangewend voor andere bekostigde activiteiten van de aanvrager.
3. In afwijking van het eerste lid, bedraagt de subsidie aan een aspirant-opleidingsschool de eerste twee schooljaren € 250.000 per schooljaar.
4. In afwijking van het eerste en derde lid, bedraagt de subsidie aan een aspirant-opleidingsschool in het vo in de eerste twee schooljaren € 300.000 per schooljaar.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0025839
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl