BWBR0026502
Geldig vanaf 01-01-2007
Artikel 22
Verordening accountantsorganisaties
1. De accountantsorganisatie stelt regels vast ter zake van de toelaatbaarheid van het hebben van financiële, zakelijke en andere relaties met een controlecliënt of een met deze controlecliënt verbonden derde. Deze regels zijn erop gericht te voorkomen dat deze financiële, zakelijke en andere relaties een onaanvaardbare bedreiging kunnen vormen voor de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie en haar medewerkers.
2. De in het eerste lid bedoelde regels houden ten minste in dat het de accountantsorganisatie of een ander onderdeel van haar netwerk niet is toegestaan:
a. een direct financieel belang in een controlecliënt te hebben;
b. een indirect financieel belang in een controlecliënt te hebben, dat voor ten minste één van de betrokken partijen van grote betekenis is;
c. een direct of indirect financieel belang in een met de controlecliënt verbonden derde te hebben, dat voor ten minste één van de betrokken partijen van grote betekenis is.
3. De in het eerste lid bedoelde regels houden tevens in dat het de accountantsorganisatie of een ander onderdeel van haar netwerk uitsluitend is toegestaan de in dat lid bedoelde relaties aan te gaan met een controlecliënt, een met deze controlecliënt verbonden derde, de leiding van de controlecliënt of een daarmee verbonden derde, indien deze relaties en de met die relaties overeen te komen verbintenissen:
a. passen in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening van de accountantsorganisatie en haar netwerk; en
b. geen onaanvaardbare bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie.
2. De in het eerste lid bedoelde regels houden ten minste in dat het de accountantsorganisatie of een ander onderdeel van haar netwerk niet is toegestaan:
a. een direct financieel belang in een controlecliënt te hebben;
b. een indirect financieel belang in een controlecliënt te hebben, dat voor ten minste één van de betrokken partijen van grote betekenis is;
c. een direct of indirect financieel belang in een met de controlecliënt verbonden derde te hebben, dat voor ten minste één van de betrokken partijen van grote betekenis is.
3. De in het eerste lid bedoelde regels houden tevens in dat het de accountantsorganisatie of een ander onderdeel van haar netwerk uitsluitend is toegestaan de in dat lid bedoelde relaties aan te gaan met een controlecliënt, een met deze controlecliënt verbonden derde, de leiding van de controlecliënt of een daarmee verbonden derde, indien deze relaties en de met die relaties overeen te komen verbintenissen:
a. passen in het kader van de gewone bedrijfsuitoefening van de accountantsorganisatie en haar netwerk; en
b. geen onaanvaardbare bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountantsorganisatie.
- Citeren als
- Art. 22
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0026502
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl