BWBR0028017
Geldig vanaf 11-07-2010
Artikel 2
Verordening PT AM Vrije Teelt
1. Het is de ondernemer verboden om boomkwekerijgewassen en vaste planten te telen op een perceel, indien de ondernemer niet beschikt over een verklaring of één of meerdere beoordelingsrapporten, afgegeven door een keuringsdienst, waaruit blijkt dat het te gebruiken dan wel gebruikte teeltmateriaal is geproduceerd op een perceel dat vrij is bevonden van aardappelmoeheid, overeenkomstig de methodiek zoals deze wordt voorgeschreven in bijlage II van Richtlijn 2007/33/EG van de Raad van 11 juni 2007.
2. Het is de ondernemer verboden om teeltmateriaal en andere producten van boomkwekerijgewassen en vaste planten waarmee aardappelcysteaaltjes kunnen worden verspreid, te produceren en in het verkeer te brengen, indien de ondernemer niet beschikt over een verklaring of één of meerdere beoordelingsrapporten, afgegeven door een keuringsdienst, waaruit blijkt dat het perceel waarop dat teeltmateriaal en andere producten is of wordt geproduceerd, vooraf vrij is bevonden van aardappelmoeheid, overeenkomstig de methodiek zoals die wordt voorgeschreven in bijlage II van Richtlijn 2007/33/EG van de Raad van 11 juni 2007.
3. Een verklaring en beoordelingsrapport zijn geldig tot de eerstvolgende aardappelteelt.
4. De ondernemer is verplicht de verklaring, het beoordelingsrapport dan wel de beoordelingsrapporten op eerste vordering van de daartoe door het bestuur bij besluit aangewezen toezichthouder te tonen.
5. De ondernemer is verplicht de verklaring, het beoordelingsrapport dan wel beoordelingsrapporten tot de eerstvolgende aardappelteelt te bewaren.
2. Het is de ondernemer verboden om teeltmateriaal en andere producten van boomkwekerijgewassen en vaste planten waarmee aardappelcysteaaltjes kunnen worden verspreid, te produceren en in het verkeer te brengen, indien de ondernemer niet beschikt over een verklaring of één of meerdere beoordelingsrapporten, afgegeven door een keuringsdienst, waaruit blijkt dat het perceel waarop dat teeltmateriaal en andere producten is of wordt geproduceerd, vooraf vrij is bevonden van aardappelmoeheid, overeenkomstig de methodiek zoals die wordt voorgeschreven in bijlage II van Richtlijn 2007/33/EG van de Raad van 11 juni 2007.
3. Een verklaring en beoordelingsrapport zijn geldig tot de eerstvolgende aardappelteelt.
4. De ondernemer is verplicht de verklaring, het beoordelingsrapport dan wel de beoordelingsrapporten op eerste vordering van de daartoe door het bestuur bij besluit aangewezen toezichthouder te tonen.
5. De ondernemer is verplicht de verklaring, het beoordelingsrapport dan wel beoordelingsrapporten tot de eerstvolgende aardappelteelt te bewaren.
- Citeren als
- Art. 2
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028017
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl