BWBR0028180
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 5
Wet drinkwater BES
1. Bij algemene maatregel van bestuur kunnen, gehoord de inspecteur, deze wet en de daarop berustende bepalingen mede geheel of gedeeltelijk van toepassing worden verklaard op eigenaren of beheerders van een collectieve watervoorziening of een collectief leidingnet waarop direct of indirect tappunten als bedoeld in het tweede lid, zijn aangesloten, voor zover die tappunten aanwezig zijn:
a. in instellingen: 1. voor medisch-specialistische zorg;
2. die een of meer vormen van persoonlijke verzorging of behandeling van een psychiatrische aandoening bieden, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
1. voor medisch-specialistische zorg;
2. die een of meer vormen van persoonlijke verzorging of behandeling van een psychiatrische aandoening bieden, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
b. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een gebruiksfunctie voor het bieden van recreatief verblijf of tijdelijk onderdak aan mensen, met uitzondering van zomerhuisjes, huisjes op volkstuincomplexen en gebouwen waar uitsluitend wordt overnacht door personen die ter plaatse werkzaam zijn;
c. in opvangvoorziening, niet zijnde een woning, hotel of pension, waarin aan asielzoekers opvang wordt geboden;
d. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een gebruiksfunctie als dwangverblijf van mensen;
e. in een badinrichting als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, van de Wet volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer BES;
f. op een terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop ten behoeve van recreatief nachtverblijf gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van tenten, tentwagens, kampeerauto’s of andere voertuigen of gewezen voertuigen of gedeelten daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, waarvoor ingevolge artikel 2.2, eerste lid, van de Wet volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer BES een bouwvergunning vereist is; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf;
g. in een haven met de daarbij behorende grond waar overwegend gelegenheid wordt gegeven voor het aanleggen, afmeren of afgemeerd houden van pleziervaartuigen.
2. Als tappunten, bedoeld in het eerste lid, worden aangemerkt:
a. tappunten met een douche of andere appendage waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
b. tappunten die al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
c. tappunten waarvan de eigenaar redelijkerwijze kan weten of vermoeden dat deze al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
d. alle tappunten in een instelling als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1, voor zover het een afdeling hematologie of oncologie is, dan wel waar transplantaties worden uitgevoerd, of patiënten met chronische longaandoeningen of met immuunstoornissen verblijven.
a. in instellingen: 1. voor medisch-specialistische zorg;
2. die een of meer vormen van persoonlijke verzorging of behandeling van een psychiatrische aandoening bieden, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
1. voor medisch-specialistische zorg;
2. die een of meer vormen van persoonlijke verzorging of behandeling van een psychiatrische aandoening bieden, niet in combinatie met verblijf, binnen een op grond van de Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten bekostigd gebouw;
b. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een gebruiksfunctie voor het bieden van recreatief verblijf of tijdelijk onderdak aan mensen, met uitzondering van zomerhuisjes, huisjes op volkstuincomplexen en gebouwen waar uitsluitend wordt overnacht door personen die ter plaatse werkzaam zijn;
c. in opvangvoorziening, niet zijnde een woning, hotel of pension, waarin aan asielzoekers opvang wordt geboden;
d. in een gebouw, een gedeelte van een gebouw of een samenhangend geheel van gebouwen of gedeelten daarvan met een gebruiksfunctie als dwangverblijf van mensen;
e. in een badinrichting als bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, van de Wet volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer BES;
f. op een terrein of plaats, geheel of gedeeltelijk ingericht, en blijkens die inrichting bestemd, om daarop ten behoeve van recreatief nachtverblijf gelegenheid te geven tot het plaatsen of geplaatst houden van tenten, tentwagens, kampeerauto’s of andere voertuigen of gewezen voertuigen of gedeelten daarvan, voor zover geen bouwwerk zijnde, waarvoor ingevolge artikel 2.2, eerste lid, van de Wet volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en milieubeheer BES een bouwvergunning vereist is; een en ander voor zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht dan wel worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf;
g. in een haven met de daarbij behorende grond waar overwegend gelegenheid wordt gegeven voor het aanleggen, afmeren of afgemeerd houden van pleziervaartuigen.
2. Als tappunten, bedoeld in het eerste lid, worden aangemerkt:
a. tappunten met een douche of andere appendage waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
b. tappunten die al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
c. tappunten waarvan de eigenaar redelijkerwijze kan weten of vermoeden dat deze al dan niet tijdelijk gebruikt worden voor het aansluiten van een douche, andere appendage of toestel waarmee water kan worden gesproeid of verneveld;
d. alle tappunten in een instelling als bedoeld in het eerste lid, onderdeel a, onder 1, voor zover het een afdeling hematologie of oncologie is, dan wel waar transplantaties worden uitgevoerd, of patiënten met chronische longaandoeningen of met immuunstoornissen verblijven.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028180
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl