BWBR0028457
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 46
Wet op het notarisambt BES
1. De notaris is bevoegd tot het uitgeven van grossen, afschriften en uittreksels van de onder hem in minuut berustende notariële akten.
2. De notaris is voorts bevoegd om afschriften en uittreksels af te geven van alle andere akten die in minuut onder hem berusten of die aan een in minuut onder hem berustende akte zijn vastgehecht.
3. De notaris mag ook afschriften en uittreksels maken van alle akten en stukken, welke daartoe aan hem vertoond, en, na met het afschrift of uittreksel vergeleken te zijn, teruggegeven worden.
4. Behoudens de bij de wettelijke regelingen daaromtrent bepaalde uitzonderingen, moeten de uittreksels gelijkluidend zijn met de overgenomen gedeelten en moeten altijd het hoofd en slot van de akte alsmede de vermelding van de handelende personen, hun betrekkingen en hoedanigheden, in het uittreksel voorkomen. Aan het slot worden gesteld de woorden: «Uitgegeven voor woordelijk gelijkluidend uittreksel».
2. De notaris is voorts bevoegd om afschriften en uittreksels af te geven van alle andere akten die in minuut onder hem berusten of die aan een in minuut onder hem berustende akte zijn vastgehecht.
3. De notaris mag ook afschriften en uittreksels maken van alle akten en stukken, welke daartoe aan hem vertoond, en, na met het afschrift of uittreksel vergeleken te zijn, teruggegeven worden.
4. Behoudens de bij de wettelijke regelingen daaromtrent bepaalde uitzonderingen, moeten de uittreksels gelijkluidend zijn met de overgenomen gedeelten en moeten altijd het hoofd en slot van de akte alsmede de vermelding van de handelende personen, hun betrekkingen en hoedanigheden, in het uittreksel voorkomen. Aan het slot worden gesteld de woorden: «Uitgegeven voor woordelijk gelijkluidend uittreksel».
- Citeren als
- Art. 46
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028457
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl