BWBR0028496
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 486 Rv
Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering BES — artikel 486
1. In geval van tegenspraak verwijst de rechter-commissaris de partijen, zo hij ze niet kan verenigen, en voor zover het geschil niet reeds aanhangig is, naar een door hem te bepalen terechtzitting van de rechter in eerste aanleg, zonder dat daartoe een oproeping is vereist.
2. De gemachtigden die voor partijen optreden, verklaren dit bij het uitroepen ter terechtzitting.
3. Verschijnt de schuldeiser wiens vordering is tegengesproken, op de bepaalde terechtzitting niet, dan wordt hij geacht de aanmelding van zijn vordering te hebben ingetrokken; verschijnt degene die de tegenspraak doet, niet, dan wordt hij geacht zijn tegenspraak te hebben laten varen.
4. Belanghebbenden die geen tegenspraak hebben gedaan, kunnen in het geding niet tussenkomen of zich voegen.
2. De gemachtigden die voor partijen optreden, verklaren dit bij het uitroepen ter terechtzitting.
3. Verschijnt de schuldeiser wiens vordering is tegengesproken, op de bepaalde terechtzitting niet, dan wordt hij geacht de aanmelding van zijn vordering te hebben ingetrokken; verschijnt degene die de tegenspraak doet, niet, dan wordt hij geacht zijn tegenspraak te hebben laten varen.
4. Belanghebbenden die geen tegenspraak hebben gedaan, kunnen in het geding niet tussenkomen of zich voegen.
- Citeren als
- Art. 486 Rv
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028496
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl