BWBR0028619
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 23
Warenwet BES
1. De krachtens artikel 19, eerste en vierde lid, aangewezen personen zijn bevoegd tot voorlopige inbeslagneming van:
a. waren waarvan een monster bij onderzoek ondeugdelijk of schadelijk is bevonden;
b. eet- of drinkwaren die kennelijk in staat van bederf verkeren of die kennelijk niet voldoen aan de voorschriften of vereisten bij of krachtens deze wet gegeven.
2. Met op grond van het eerste lid in beslag genomen, voor menselijk gebruik geschikte waren, wordt gehandeld op de wijze, bij algemene maatregel van bestuur te bepalen.
a. waren waarvan een monster bij onderzoek ondeugdelijk of schadelijk is bevonden;
b. eet- of drinkwaren die kennelijk in staat van bederf verkeren of die kennelijk niet voldoen aan de voorschriften of vereisten bij of krachtens deze wet gegeven.
2. Met op grond van het eerste lid in beslag genomen, voor menselijk gebruik geschikte waren, wordt gehandeld op de wijze, bij algemene maatregel van bestuur te bepalen.
- Wet
- Warenwet BES
- Citeren als
- Art. 23
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028619
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl