BWBR0028712
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 12
Pensioenwet BES
1. Tot het samenstellen van de in artikel 10 bedoelde bescheiden, alsmede tot het verrichten van andere tot de normale beroepsbezigheden van actuarissen behorende werkzaamheden ten behoeve van een pensioenfonds is tegenover de Bank niet bevoegd, degene, tegen wiens aanwijzing of handhaving bij het fonds de Bank bezwaar heeft gemaakt.
2. De Bank kan tegen de aanwijzing of handhaving van een actuaris slechts bezwaar maken, indien de betrokkene naar haar oordeel, niet of niet meer de nodige waarborgen biedt, dat hij de hem toevertrouwde taak naar behoren zal vervullen. Het bezwaar wordt schriftelijk ter kennis gebracht van het betrokken fonds en van de betrokken actuaris.
3. Vervallen.
4. Vervallen.
2. De Bank kan tegen de aanwijzing of handhaving van een actuaris slechts bezwaar maken, indien de betrokkene naar haar oordeel, niet of niet meer de nodige waarborgen biedt, dat hij de hem toevertrouwde taak naar behoren zal vervullen. Het bezwaar wordt schriftelijk ter kennis gebracht van het betrokken fonds en van de betrokken actuaris.
3. Vervallen.
4. Vervallen.
- Wet
- Pensioenwet BES
- Citeren als
- Art. 12
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028712
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl