BWBR0029063
Geldig vanaf 19-11-2010
Artikel 1
Heffingsverordening Hoofdbedrijfschap Detailhandel 2011
In deze verordening wordt verstaan onder:
a. een onderneming: een onderneming waarvoor het hoofdbedrijfschap is ingesteld als bedoeld in artikel 3 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel;
b. de ondernemer: degene die een onderneming drijft dan wel degenen die gezamenlijk een onderneming drijven;
c. werkzame personen: de personen die doorgaans tenminste 15 uur per week in de onderneming werkzaam zijn. Deze personen kunnen zijn: al dan niet in dienst van de betrokken onderneming zijnde werknemers;
meewerkend ondernemer;
meewerkend gezinslid van de ondernemer;
al dan niet in dienst van de betrokken onderneming zijnde werknemers;
meewerkend ondernemer;
meewerkend gezinslid van de ondernemer;
d. detailhandel: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel;
e. ambulante handel: markthandel, straathandel en handel te water;
f. verkoopplaats: iedere plaats waar de detailhandel anders dan in de uitoefening van de ambulante handel wordt uitgeoefend, alsmede elke voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waar waren aan particulieren te koop worden aangeboden;
g. het inkomen: het verzamelinkomen als bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001;
h. de heffing: de heffing die is gebaseerd op artikel 12, eerste lid, van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel;
i. de voorzitter: de voorzitter van het hoofdbedrijfschap Detailhandel.
a. een onderneming: een onderneming waarvoor het hoofdbedrijfschap is ingesteld als bedoeld in artikel 3 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel;
b. de ondernemer: degene die een onderneming drijft dan wel degenen die gezamenlijk een onderneming drijven;
c. werkzame personen: de personen die doorgaans tenminste 15 uur per week in de onderneming werkzaam zijn. Deze personen kunnen zijn: al dan niet in dienst van de betrokken onderneming zijnde werknemers;
meewerkend ondernemer;
meewerkend gezinslid van de ondernemer;
al dan niet in dienst van de betrokken onderneming zijnde werknemers;
meewerkend ondernemer;
meewerkend gezinslid van de ondernemer;
d. detailhandel: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1 van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel;
e. ambulante handel: markthandel, straathandel en handel te water;
f. verkoopplaats: iedere plaats waar de detailhandel anders dan in de uitoefening van de ambulante handel wordt uitgeoefend, alsmede elke voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waar waren aan particulieren te koop worden aangeboden;
g. het inkomen: het verzamelinkomen als bedoeld in artikel 2.18 van de Wet inkomstenbelasting 2001;
h. de heffing: de heffing die is gebaseerd op artikel 12, eerste lid, van het Instellingsbesluit Hoofdbedrijfschap Detailhandel;
i. de voorzitter: de voorzitter van het hoofdbedrijfschap Detailhandel.
- Citeren als
- Art. 1
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029063
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl