BWBR0029236
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 2.89
Douane- en Accijnswet BES
1. Het bedrag van de zekerheid wordt vastgesteld aan de hand van de belangen en risico’s die voor het Rijk met de betreffende douanebestemming zijn gemoeid.
2. Indien de belangen en risico’s, bedoeld in het eerste lid, niet kunnen worden vastgesteld of het treffen van maximale waarborgen is vereist, dan wordt het bedrag van de zekerheid vastgesteld op:
a. het bedrag van de desbetreffende douaneschuld, indien dit bedrag op het tijdstip waarop de zekerheidstelling wordt geëist, nauwkeurig kan worden bepaald; of
b. het door de inspecteur geraamde bedrag van de douaneschuld.
3. Bij regeling van Onze Minister van Financiën kunnen de gevallen worden vastgesteld waarin en de voorwaarden waaronder een forfaitaire zekerheid kan worden gesteld.
2. Indien de belangen en risico’s, bedoeld in het eerste lid, niet kunnen worden vastgesteld of het treffen van maximale waarborgen is vereist, dan wordt het bedrag van de zekerheid vastgesteld op:
a. het bedrag van de desbetreffende douaneschuld, indien dit bedrag op het tijdstip waarop de zekerheidstelling wordt geëist, nauwkeurig kan worden bepaald; of
b. het door de inspecteur geraamde bedrag van de douaneschuld.
3. Bij regeling van Onze Minister van Financiën kunnen de gevallen worden vastgesteld waarin en de voorwaarden waaronder een forfaitaire zekerheid kan worden gesteld.
- Citeren als
- Art. 2.89
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029236
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl