BWBR0029236
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 4.37
Douane- en Accijnswet BES
1. Bij intrekking van een vergunning voor een accijnsgoederenplaats worden de accijnsgoederen waarvoor die accijnsgoederenplaats als zodanig is aangewezen, die binnen die plaats voorhanden zijn op de dag met ingang waarvan de vergunning wordt ingetrokken, aangemerkt als te zijn uitgeslagen en wordt het tijdvak waarover de accijns verschuldigd is, aangemerkt als te zijn geëindigd op die dag.
2. De inspecteur kan bij beschikking bepalen dat de termijn waarbinnen de accijns wordt voldaan over het tijdvak waartoe de in het eerste lid bedoelde dag behoort alsmede over het daaraan onmiddellijk voorafgaande tijdvak minder bedraagt dan één maand.
2. De inspecteur kan bij beschikking bepalen dat de termijn waarbinnen de accijns wordt voldaan over het tijdvak waartoe de in het eerste lid bedoelde dag behoort alsmede over het daaraan onmiddellijk voorafgaande tijdvak minder bedraagt dan één maand.
- Citeren als
- Art. 4.37
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029236
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl