BWBR0029309
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 2.33
Uitvoeringsregeling Douane- en Accijnswet BES
1. Een mondelinge aangifte ten invoer kan worden gedaan voor door een reiziger meegevoerde:
a. persoonlijke goederen tot een totale waarde van USD 1.500; en
b. overige goederen tot een totale waarde van USD 1.000.
2. De inspecteur kan verlangen dat een elektronische of een schriftelijke aangifte voor de goederen, bedoeld in het eerste lid, wordt ingediend.
3. De in het eerste lid bedoelde aangifte kan ook worden gedaan voor:
a. zendingen met een te verwaarlozen waarde als bedoeld in artikel 3.41 van de wet;
b. zendingen die door particulieren aan particulieren zijn gericht als bedoeld in artikel 3.43 van de wet, tot een totale waarde van USD 1.500.
a. persoonlijke goederen tot een totale waarde van USD 1.500; en
b. overige goederen tot een totale waarde van USD 1.000.
2. De inspecteur kan verlangen dat een elektronische of een schriftelijke aangifte voor de goederen, bedoeld in het eerste lid, wordt ingediend.
3. De in het eerste lid bedoelde aangifte kan ook worden gedaan voor:
a. zendingen met een te verwaarlozen waarde als bedoeld in artikel 3.41 van de wet;
b. zendingen die door particulieren aan particulieren zijn gericht als bedoeld in artikel 3.43 van de wet, tot een totale waarde van USD 1.500.
- Citeren als
- Art. 2.33
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0029309
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl