BWBR0029947
Geldig vanaf 2011-07-01
Artikel 31
Kaderregeling VWS-subsidies
1. De minister vermeldt in het besluit tot verlening van de instellingssubsidie, bedoeld in artikel 8, onderdeel f:
a. voor welke periode de instellingssubsidie wordt verleend,
b. voor welke activiteiten de instellingssubsidie wordt verleend,
c. welke kosten per activiteit in aanmerking zijn genomen bij het verlenen van de instellingssubsidie,
d. welke bijdragen van derden per activiteit in aanmerking zijn genomen bij het verlenen van de instellingssubsidie,
e. de hoogte van de begrote eigen bijdrage die in aanmerking wordt genomen bij het verstrekken van de instellingssubsidie en
f. het bedrag dat aan instellingssubsidie wordt verleend.
2. De in het besluit tot verlening vermelde kosten zijn gelijk aan de som van de in dat besluit vermelde bijdragen van derden, begrote eigen bijdrage en instellingssubsidie.
a. voor welke periode de instellingssubsidie wordt verleend,
b. voor welke activiteiten de instellingssubsidie wordt verleend,
c. welke kosten per activiteit in aanmerking zijn genomen bij het verlenen van de instellingssubsidie,
d. welke bijdragen van derden per activiteit in aanmerking zijn genomen bij het verlenen van de instellingssubsidie,
e. de hoogte van de begrote eigen bijdrage die in aanmerking wordt genomen bij het verstrekken van de instellingssubsidie en
f. het bedrag dat aan instellingssubsidie wordt verleend.
2. De in het besluit tot verlening vermelde kosten zijn gelijk aan de som van de in dat besluit vermelde bijdragen van derden, begrote eigen bijdrage en instellingssubsidie.