BWBR0030883
Geldig vanaf 01-07-2012
Artikel 2:7
Wet financiële markten BES
1. De toezichtautoriteit kan beslissen een aanvraag om vergunning niet te behandelen, indien:
a. de aanvrager niet heeft voldaan aan de krachtens artikel 2:6, derde lid, gestelde regels, dan wel de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag of voor de voorbereiding van de beslissing;
b. de aanvrager de ingevolge artikel 1:10, eerste lid, verschuldigde vergoeding, voor zover bij vooruitbetaling verschuldigd, niet heeft voldaan.
2. Alvorens toepassing te geven aan het eerste lid, aanhef en onderdeel a, stelt de toezichtautoriteit de aanvrager in de gelegenheid om zijn aanvraag binnen een door de toezichtautoriteit gestelde termijn aan te vullen.
3. De beslissing om een aanvraag niet te behandelen wordt schriftelijk aan de aanvrager bekendgemaakt binnen vier weken nadat de aanvraag is aangevuld of nadat de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.
a. de aanvrager niet heeft voldaan aan de krachtens artikel 2:6, derde lid, gestelde regels, dan wel de verstrekte gegevens en bescheiden onvoldoende zijn voor de beoordeling van de aanvraag of voor de voorbereiding van de beslissing;
b. de aanvrager de ingevolge artikel 1:10, eerste lid, verschuldigde vergoeding, voor zover bij vooruitbetaling verschuldigd, niet heeft voldaan.
2. Alvorens toepassing te geven aan het eerste lid, aanhef en onderdeel a, stelt de toezichtautoriteit de aanvrager in de gelegenheid om zijn aanvraag binnen een door de toezichtautoriteit gestelde termijn aan te vullen.
3. De beslissing om een aanvraag niet te behandelen wordt schriftelijk aan de aanvrager bekendgemaakt binnen vier weken nadat de aanvraag is aangevuld of nadat de daarvoor gestelde termijn ongebruikt is verstreken.
- Citeren als
- Art. 2:7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0030883
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl