BWBR0031370
Geldig vanaf 01-01-2011
Artikel 8
Circulaire bijzondere opsporingsgelden
1. Indien (voor een deel) een afwijzende beslissing is genomen op een op grond van deze circulaire gedaan verzoek, kan de betrokken hoofdofficier van justitie de Minister van Veiligheid en Justitie, door tussenkomst van de aangewezen ambtenaar van het Landelijk Parket en uiterlijk binnen zes weken na het bekend worden van de beslissing, verzoeken een nieuwe beslissing te nemen.
2. Een verzoek, als bedoeld in het eerste lid, is schriftelijk en bevat de gronden waarop de bezwaren tegen de beslissing rusten.
2. Een verzoek, als bedoeld in het eerste lid, is schriftelijk en bevat de gronden waarop de bezwaren tegen de beslissing rusten.
- Citeren als
- Art. 8
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0031370
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl