BWBR0032686
Geldig vanaf 01-01-2013
Artikel 5
Deelregeling gast- en buitenlandateliers
1. Bij de advisering betrekt het adviesorgaan in ieder geval in haar oordeel of het artistieke functioneren van de kunstenaar van belang is of, bij een beginnend kunstenaar, naar verwachting van belang zal worden voor de hedendaagse beeldende kunsten. Dit wordt getoetst aan de hand van het oordeel over de kwaliteit van het tot het moment van de aanvraag door de kunstenaar opgebouwde oeuvre en de ontwikkeling daarvan en het oordeel over aspecten van het cultureel ondernemerschap
2. Verder betrekt het de onderstaande aspecten in onderlinge samenhang in zijn beoordeling:
• de plannen en de motivering met betrekking tot het verblijf in het gast- of buitenland atelier,
• het effect dat deelname aan het project kan hebben op het kunstenaarschap en/of de beroepspraktijk van de aanvrager,
• de manier waarop deze naar buiten treedt en een publiek voor zijn werk weet te vinden en te binden,
• eventueel overige in de toelichting bij het aanvraagformulier genoemde aspecten.
3. Het oordeel over het artistieke functioneren en het plan dan wel de motivering bij een aanvraag zal zwaarder wegen indien de aanvrager reeds eerder een bijdrage heeft ontvangen voor verblijf in een gast- of buitenlandatelier.
4. Bij de beoordeling van aanvragen als bedoeld in dit artikel hanteert het adviesorgaan de volgende procedure:
a. Indien in de eerste stemronde geen enkel commissielid positief oordeelt over de in het eerste lid bedoelde artistieke functioneren, wordt een negatief advies uitgebracht,
b. In de tweede stemronde geven de afzonderlijke commissieleden een oordeel over het in het eerste lid genoemde criterium en de in het tweede lid genoemde aspecten voor zover van toepassing. Indien in de tweede stemronde niet door de meerderheid een positief advies wordt uitgebracht, wordt een negatief advies uitgebracht,
c. In de laatste stemronde stelt het adviesorgaan aan de hand van het in het eerste lid genoemde criterium en de overige in het tweede lid genoemde aspecten, voor zover van toepassing, in volgorde van prioriteit de voordracht samen.
2. Verder betrekt het de onderstaande aspecten in onderlinge samenhang in zijn beoordeling:
• de plannen en de motivering met betrekking tot het verblijf in het gast- of buitenland atelier,
• het effect dat deelname aan het project kan hebben op het kunstenaarschap en/of de beroepspraktijk van de aanvrager,
• de manier waarop deze naar buiten treedt en een publiek voor zijn werk weet te vinden en te binden,
• eventueel overige in de toelichting bij het aanvraagformulier genoemde aspecten.
3. Het oordeel over het artistieke functioneren en het plan dan wel de motivering bij een aanvraag zal zwaarder wegen indien de aanvrager reeds eerder een bijdrage heeft ontvangen voor verblijf in een gast- of buitenlandatelier.
4. Bij de beoordeling van aanvragen als bedoeld in dit artikel hanteert het adviesorgaan de volgende procedure:
a. Indien in de eerste stemronde geen enkel commissielid positief oordeelt over de in het eerste lid bedoelde artistieke functioneren, wordt een negatief advies uitgebracht,
b. In de tweede stemronde geven de afzonderlijke commissieleden een oordeel over het in het eerste lid genoemde criterium en de in het tweede lid genoemde aspecten voor zover van toepassing. Indien in de tweede stemronde niet door de meerderheid een positief advies wordt uitgebracht, wordt een negatief advies uitgebracht,
c. In de laatste stemronde stelt het adviesorgaan aan de hand van het in het eerste lid genoemde criterium en de overige in het tweede lid genoemde aspecten, voor zover van toepassing, in volgorde van prioriteit de voordracht samen.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0032686
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl