BWBR0033318
Geldig vanaf 17-08-2010
Artikel 6
Werkwijze NMa analoog en digitaal rechercheren
1. Ten kantore van de Raad extraheert de it-specialist zo nodig de dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’ en ontdoet zo nodig de geëxtraheerde versie vervolgens van op voorhand niet relevant materiaal.
2. Ongeacht of de dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’ ten kantore van de Raad aldus is bewerkt, verstrekt de it-specialist een overzicht van de digitale gegevens die zich op de (bewerkte) dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’ bevinden en een kopie van de (bewerkte) dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’ aan de vermoedelijke overtreder(s).
3. De toezichthoudende ambtenaar stelt de vermoedelijke overtreder(s) in de gelegenheid binnen 10 werkdagen na de verstrekking van het overzicht en de kopie gemotiveerd aan te geven welke digitale gegevens buiten de reikwijdte vallen.
4. Indien een vermoedelijke overtreder claimt dat bepaalde digitale gegevens buiten de reikwijdte vallen, vergewist de toezichthoudende ambtenaar zich van de juistheid van deze claim, met inachtneming van artikel 3, tweede lid. Hij stelt de vermoedelijke overtreder door middel van een kennisgeving in de gelegenheid daarbij aanwezig te zijn. Die kennisgeving bevat de datum en het tijdstip waarop de vermoedelijke overtreder, indien hij gebruik wil maken van deze gelegenheid, verwacht wordt ten kantore van de Raad aanwezig te zijn.
6. In zoverre de toezichthoudende ambtenaar van oordeel is dat de claim terecht is, stelt hij de vermoedelijke overtreder hiervan schriftelijk in kennis. De toezichthoudende ambtenaar voegt de desbetreffende digitale gegevens niet toe aan de onderzoeksdata.
7. In zoverre de toezichthoudende ambtenaar van oordeel is dat de claim niet terecht is, stelt hij de vermoedelijke overtreder hiervan schriftelijk in kennis. De toezichthoudende ambtenaar voegt de desbetreffende digitale gegevens toe aan de onderzoeksdata.
8. Indien de toezichthoudende ambtenaar de hierboven in het derde tot en met het zevende lid beschreven procedure niet volgt, stelt hij de vermoedelijke overtreder hiervan schriftelijk en gemotiveerd in kennis. Tevens informeert hij hem over de dan te volgen procedure voor de selectie van digitale gegevens die binnen de reikwijdte vallen uit de (bewerkte) dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’. Bij die procedure neemt de toezichthoudende ambtenaar in ieder geval artikel 3, tweede lid, in acht en stelt hij de vermoedelijke overtreder in de gelegenheid bij de selectie aanwezig te zijn.
2. Ongeacht of de dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’ ten kantore van de Raad aldus is bewerkt, verstrekt de it-specialist een overzicht van de digitale gegevens die zich op de (bewerkte) dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’ bevinden en een kopie van de (bewerkte) dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’ aan de vermoedelijke overtreder(s).
3. De toezichthoudende ambtenaar stelt de vermoedelijke overtreder(s) in de gelegenheid binnen 10 werkdagen na de verstrekking van het overzicht en de kopie gemotiveerd aan te geven welke digitale gegevens buiten de reikwijdte vallen.
4. Indien een vermoedelijke overtreder claimt dat bepaalde digitale gegevens buiten de reikwijdte vallen, vergewist de toezichthoudende ambtenaar zich van de juistheid van deze claim, met inachtneming van artikel 3, tweede lid. Hij stelt de vermoedelijke overtreder door middel van een kennisgeving in de gelegenheid daarbij aanwezig te zijn. Die kennisgeving bevat de datum en het tijdstip waarop de vermoedelijke overtreder, indien hij gebruik wil maken van deze gelegenheid, verwacht wordt ten kantore van de Raad aanwezig te zijn.
6. In zoverre de toezichthoudende ambtenaar van oordeel is dat de claim terecht is, stelt hij de vermoedelijke overtreder hiervan schriftelijk in kennis. De toezichthoudende ambtenaar voegt de desbetreffende digitale gegevens niet toe aan de onderzoeksdata.
7. In zoverre de toezichthoudende ambtenaar van oordeel is dat de claim niet terecht is, stelt hij de vermoedelijke overtreder hiervan schriftelijk in kennis. De toezichthoudende ambtenaar voegt de desbetreffende digitale gegevens toe aan de onderzoeksdata.
8. Indien de toezichthoudende ambtenaar de hierboven in het derde tot en met het zevende lid beschreven procedure niet volgt, stelt hij de vermoedelijke overtreder hiervan schriftelijk en gemotiveerd in kennis. Tevens informeert hij hem over de dan te volgen procedure voor de selectie van digitale gegevens die binnen de reikwijdte vallen uit de (bewerkte) dataset ‘mogelijk buiten de reikwijdte’. Bij die procedure neemt de toezichthoudende ambtenaar in ieder geval artikel 3, tweede lid, in acht en stelt hij de vermoedelijke overtreder in de gelegenheid bij de selectie aanwezig te zijn.
- Citeren als
- Art. 6
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0033318
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl